Print

logo B FastHet stopt nooit. Een drama in het verafgelegen Nepal en de media zorgen ervoor dat de regering zich opnieuw verslikt in de eigen dadendrang. Maar een spelletje zwartepieten lost evenmin iets op.

 

Zwarte Piet één

Wanneer de media zich meester maken van een drama, waar ook ter wereld, dan lijkt het wel of de politici geen keuze meer hebben. En mijnheer de minister, wat bent u van plan? Zal België hulp bieden, of …? Waarom is het B-Fast-team nog niet vertrokken? Zelfs wanneer deze vragen niet expliciet gesteld worden heerst er een sfeer van ‘wij moeten erbij zijn’ anders schieten we tekort.

De opgejaagde minister voelt plots een onweerstaanbare drang om tot handelen over te gaan want, hij/zij kan toch niet die ‘harde tante’ zijn die zegt: Een ogenblikje, we gaan dat eerst rustig onderzoeken en de nodige contacten leggen zodat we zeker zijn dat (1) onze hulp wel nodig is en (2) we weten wat B-Fast nodig heeft om nuttig werk te kunnen leveren.

Op basis van zelf beleefde ervaringen kan volgend scenario zich afgespeeld hebben. De buitenlandminister laat zijn administratie weten dat het B-Fast team zal ingezet worden en dat ze moeten zorgen voor de nodige toelatingen. Daar horen ook de toelatingen bij voor het overvliegen van (of tussenlanding in) sommige landen, zoals Oostenrijk, met een militair vliegtuig. Ondertussen wordt de ambassadeur of consul ter plekke opgedragen om de goedkeuring te vragen van de lokale (in dit geval Nepalese) regering. Of de toelating gegeven werd is mij nog niet bekend maar ik kan mij perfect voorstellen dat op zo’n moment de Nepalese regering wat anders te doen heeft dan ‘aangeboden’ hulp te weigeren.

In heel dat politiek besluitvormingsproces zijn ondergeschikte vragen zoals wat B-Fast daar zal mogen en kunnen doen, niet aan de orde. Eerst beslissen en dan zich afvragen of het wel goed is: dat heet in België de primauteit van de politiek. En als blijkt dat ze er niets kunnen doen of zelfs niet gewenst zijn (zoals af te leiden valt uit een artikel in Knack online) is het kot te klein en begint men een spelletje zwartepieten.

Zwarte Piet twee

In een eerste parlementair debat legde Dirk Van der Maelen (sp.a) buitenlandminister Reynders het vuur aan de schenen. Die reageerde op zijn gekende onderkoelde manier, met de verklaring dat de Nepalese regering België expliciet om hulp had gevraagd. Lees: niet de Belgische maar de Nepalese regering is in de fout gegaan (Zwarte Piet twee).

Het ontgaat de minister blijkbaar dat een arm land in een onherbergzaam gebied dat geconfronteerd wordt met dergelijke grootschalige ramp andere zorgen heeft dan een ongeduldige Belgische minister tegen te spreken. Mag het gezegd worden dat in deze omstandigheden het niet verboden is voor de Belgische regering om zelf na te denken, vooraleer tot actie over te gaan?

Die expliciete goedkeuring zou ik overigens graag eens bevestigd zien door de officiële correspondentie, want het hierboven aangehaalde scenario betekent nog niet dat de Nepalese regering zijn vraag om hulp expliciet tot België richtte. Laat staan dat de Nepalese autoriteiten op dat moment konden weten welke noden het belangrijkst zouden zijn op het ogenblik dat het B-Fast team zou kunnen aankomen. Of dacht onze Buitenlandminister dat het vliegveld van Kathmandu gereserveerd kon worden voor de Belgen?

Dat er na gemarchandeer toch nog een beetje werk was voor het B-Fast team, doet helemaal niets af van het amateurisme dat aan de basis ligt van de geannuleerde opdracht. Het is ‘schone schijn’ en dient enkel om zowel zwarte piet één als twee vrij te pleiten. Mocht dat niet volstaan is er nog altijd de VN om de Zwarte Piet toe te schuiven.

Zwarte Piet drie  

Al snel doken berichten op dat B-Fast veel te laat ter plekke kwam om nog effectief ingezet te kunnen worden voor het zoeken van overlevenden in het puin. B-Fast, Zwarte Piet nummer drie. Er was zowaar iemand die verbaasd was over de lange duur van de vlucht en de noodzaak om een tussenlanding te maken. Oh ja, dan waren er nog de piloten die in New Delhi aan hun limiet zaten en eerst dienden te rusten vooraleer opnieuw te mogen vliegen. Ook dat weet men uiteraard op voorhand. Maar goed, het leger als Zwarte Piet is altijd mooi meegenomen.

Voorkom amateurisme

Wij zijn sterk in het zoeken (en vinden) van Zwarte Pieten. Maar eenmaal iedereen witgewassen is, valt iedereen opnieuw in slaap en kan alleen nog een parlementair zwartepieten-spel tussen oppositie en meerderheid zorgen voor enige mediabelangstelling.

Nochtans is het enige waar er belangstelling zou moeten voor zijn de vraag hoe we in de toekomst dergelijk amateurisme kunnen voorkomen. De vraag stellen is ze ook beantwoorden.

Het is aan de regering (de politiek) om te beslissen of België deelneemt aan humanitaire operaties, zoals deze in Nepal. Maar eenmaal deze principiële beslissing genomen, zouden ze hun handen moeten afhouden van de voorbereiding ervan. Pas wanneer de planning door specialisten klaar is en men zicht heeft op de haalbaarheid (en de kostprijs) ervan kan de regering haar uiteindelijk fiat geven voor de uitvoering. Op die manier heeft iedereen een duidelijke verantwoordelijkheid en behoudt de politiek zijn primauteit. Vooral wanneer men het heeft over rampenbestrijding is het spreekwoord ‘haast en spoed is zelden goed’ van toepassing. Het is een blijk van amateurisme.

Iedereen met ervaring in humanitaire operaties – onder andere bij defensie - weet dat al heel lang. Waarom kunnen veel landen zo’n operaties wel aan en België niet? Hier zoekt men geen oplossing, alleen Zwarte Pieten.

Dwarsligger