General Dynamics F 16 Fighting Falcon1 Dossier

F 16AM of the Belgian Air Component of the Belgian Armed Forces based at Florennes with 2 Wing. 3601390310Vraag aan de heer Minister van Defensie en mevrouw de Voorzitter van de Commissie Defensie aangaande luchtwaardigheidslimiet van F16

 

Vliegtuigbouwer Lockheed Martin kondigde in een mededeling aan dat de testen inzake luchtwaardigheid voor de in dienst zijnde F-16 van de Amerikaanse Luchtmacht als resultaat hadden dat de limiet van 8.000 vlieguren kon opgeschoven worden naar MINSTENS 12.000 vlieguren. Wij vroegen de minister of dit resultaat ook geldig was voor de Belgische F-16. De minister verwees in zijn antwoord naar een schriftelijke parlementaire vraag en stelde duidelijk dat het niet om dezelfde vliegtuigen ging.

16 november 2015

 

Geachte heer Minister en mevrouw de Voorzitter van de Commissie Defensie,

 Dank voor uw antwoorden op onze gestelde vraag omtrent het maximum aantal vlieguren voor de huidige Belgische vloot F16.

U verwijst in de antwoorden naar
(1) de verschillen tussen onze F16 en deze die door de USAF getest werden en waarvoor de luchtwaardigheidslimiet van 8.000 vlieguren naar MINSTENS 12.000 uren werd verhoogd en naar
(2) de geldverspilling van eventuele updates voor een verouderde vloot. 
Hierbij dient vastgesteld dat, voor zover wij konden nagaan, de oudste toestellen uit de actuele operationele vloot verdwenen zijn en het opgegeven leeftijdsverschil in het antwoord van mevrouw Grosemans schromelijk overdreven is; geen dertig maar eerder tien jaar verschil is correcter.

Betreffende de structurele verschillen waarop u zich beiden baseert, lazen wij nergens welke die belangrijke verschillen zouden kunnen zijn en daarom hebben wij zelf onderzoek gedaan en daarbij vastgesteld dat die structurele verschillen NIET van die aard zijn om de resultaten van de USAF/Lockheed testen af te doen als 'niet van toepassing'.

Er zijn uiteraard altijd kleine verschillen en dat geldt niet enkel voor één type vliegtuig, maar ook voor elk vliegtuig afzonderlijk. Het blijft dus belangrijk om te controleren of er eventuele sporen van materiaalmoeheid aanwezig zijn in elk vliegtuig. Dat was vroeger al het geval bij de F104 Starfighter van Lockheed. In enkele gevallen diende soms een volledige vleugel vervangen te worden na minder dan 2.000 vlieguren. Dergelijk euvel is helemaal niet aanwezig bij de F16. Dat blijkt trouwens uit het antwoord op de parlementaire vraag, waarvan sprake in mijn eerder bericht. Daarin wordt bevestigd dat er na zovele jaren dienst geen materiaalvermoeidheid werd vastgesteld.

Zie hier de verschillen die wij vonden en onze conclusies:

Er is EEN belangrijk verschil inzake structuur tussen de geteste USAF F16 (blok 50 en 60) en de Belgische F16 blok 1, 5 en 10: De modellen die door de USAF werden getest hebben horizontale stabilisatoren die vergeleken met de oorspronkelijke configuratie vóór blok 15, met 30% werden vergroot. Deze belangrijke wijziging treffen we dus ook aan op de Belgische F 16 blok 15 vliegtuigen. Dat is een nogal ingrijpende modificatie, die in principe stress verhogend werkt op het frame. Dit betekent dat, normaal gesproken, een stresstest die succesvol op F16 blok 50 en 60 wordt uitgevoerd, ook met de Belgische F16 blokken 1, 5 en 10 (zonder vergroting van de stabilisatoren)  moet lukken. Voor onze blok 15 toestellen is dat uiteraard nog meer het geval.

Een andere wijziging met beperkte invloed op de materiaalvermoeidheid is de toevoeging van 'hard points'. Deze wijziging, voor zover ze zou afwijken van deze van de US blok 50/60 vliegtuigen, moet uiteraard in detail geëvalueerd worden. Het is echter geen reden om de testresultaten niet te aanvaarden. 

Er zijn dan nog ontelbare modificaties uitgevoerd, die nauwelijks of geen invloed hebben op de fuselage: een sterkere motor, nieuwe radio, betere radar, nieuwe versie Avionics, boordcomputer, …

Ook werd, in de jaren 70, toen de Russen de export van Titanium beperkten, tijdelijk op enkele plaatsen Titanium door Aluminium (speciaal voorgevormd) vervangen. Vermits we niet weten of dit ook het geval was met de USAF toestellen, is een goede controle aangewezen. 

Op basis van deze vastgestelde verschillen komen wij tot een duidelijke conclusie:

Vermits wij géén relevante structurele verschillen vonden, met een invloed op de materiaalvermoeidheid, tussen onze F16 toestellen en de toestellen waarop de Amerikanen de stresstest doorgevoerd hebben, kunnen wij enkel besluiten dat het resultaat van de stresstest die door de USAF werd uitgevoerd  ook van toepassing is voor de bepaling van de luchtwaardigheid van de actuele Belgische vloot F16. De Belgische F16 zouden dus in hun huidige configuratie (zonder dure ingrepen) inzetbaar blijven tot ze de nieuwe limietwaarde van MINSTENS 12.000 vlieguren bereikt hebben. 

Daarom, mijnheer de minister en mevrouw de voorzitter van de commissie defensie, zouden we u willen vragen of u soms concrete verschillen kent die wel aanleiding geven tot het afwijzen van de resultaten van de testen voor de Belgische F16 vloot die momenteel nog in gebruik is? 

 

In afwachting van uw antwoord, danken wij u alvast voor de bereidheid om ons te willen informeren.

 

Nawoord: Tot op heden kon Defensie onze argumenten niet ontkrachten.

 

Hoogachtend,

 

Pierre Therie

 

F 16AM of the Belgian Air Component of the Belgian Armed Forces based at Florennes with 2 Wing. 3601390310