stemmen parlementAls opvolging van onze vorige Nieuwsbrief over het democratisch deficit van de Belgische verkiezingswetgeving onderzochten we hoe het anders kan: democratischer en met meer respect voor de verkozenen.

 

 

 

We doen deze oefening voor de laatste federale verkiezingen in België (2014) en de Nederlandse verkiezingen in 2017, en passen volgende principes toe:

  • Principe 1: Het aantal zetels is afhankelijk van de kiesresultaten en geen vast aantal.
  • Principe 2: Een strikte evenredigheid tussen behaalde stemmen en bekomen zetels.
  • Principe 3: De kiesdeler geldt voor iedereen.

De conclusie

 

Deze vergelijking tussen Nederland en België bewijst dat de Nederlandse parlementaire democratie veel dichter aanleunt bij de democratische principes dan de Belgische en dat een veelkleurig parlement (versnippering volgens de tegenstanders) helemaal geen bijkomende hinderpaal is voor de vorming van een regering. Het enige democratisch alternatief voor coalitieregeringen is het Angelsaksisch systeem: ‘The winner takes it all’.

De verkiezingen in Nederland 2017

Berekening van het aantal te begeven zetels in functie van de effectieve deelname aan de verkiezingen

In 2017 waren er in Nederland 12.893.466 kiesgerechtigden. Om die allemaal te vertegenwoordigen acht de Nederlandse overheid 150 parlementsleden noodzakelijk.

In 2017 namen 2.330.010 stemgerechtigde Nederlanders (18.1 %) om uiteenlopende redenen niet deel aan de verkiezingen. Vertaald in zetels zijn dat 27,15 ‘Lege Zetels’. De Nederlandse Tweede kamer zou dus na deze verkiezingen in 2017 maximaal 123 parlementsleden tellen in plaats van 150.

De kiesdeler

In totaal brachten 10.563.456 Nederlanders hun stem uit. Ze kozen voor een partij of brachten een blanco stem of een ongeldige stem uit. Een ongeldige stem kan niet toegewezen worden aan een partij en is ook geen keuze voor ‘geen partij’. Ze worden daarom niet meegenomen in de berekening van de kiesdeler. Maar de blanco stemmen hebben wel degelijk een politiek betekenis, namelijk een blanco of ‘lege’ zetel en worden dus wel meegeteld voor de kiesdeler én het bepalen van het uiteindelijk aantal zetels. Hiermee rekening houdend is de kiesdeler gelijk aan 85.625. Zijnde het aantal deelnemers MIN de ongeldige stemmen (10.531.917) gedeeld door het aantal zetels (123).

Zetelverdeling (actueel aantal zetels)

VVD: 2.238.351/ 85.625 =   26 zetels (33)

PVV:                                16 zetels (20)

CDA:                                15 zetels (19)

D66:                                 15 zetels (19)

Groen links:                      11 zetels (14)

SP :                                 11 zetels (14)

PvdA:                               07 zetels (09)

CU :                                 04 zetels (05)

PvdD:                               04 zetels (05) afronding naar 4 wegens 3.91)

50Plus                             04 zetels (04) afronding wegens 3.82

SGP:                              03 zetels (03) afronding wegens 2.55

Denk:                              03 zetels (03) afronding wegens 2.52

FvD:                                02 zetels (02)

 

Samen 121 zetels met afrondingen (of 117 zonder) waardoor voor een meerderheid 61 (of 59) zetels volstaan.

In vergelijking met de huidige kiesregels is er weinig verschil. De drie grootste partijen die samen 57 zetels hebben, hebben nog altijd dezelfde keuzemogelijkheden om een comfortabele meerderheid te vormen met een vierde partij of twee kleinere partijtjes.

Conclusie: Dat een regeringsmeerderheid moeilijker wordt door meer kleinere vertegenwoordigingen is alvast in dit concreet geval niet juist.

 

De federale verkiezingen in België 2014

 

Passen we dezelfde principes toe als in het Nederlandse voorbeeld, dan zien de kiesresultaten voor de federale Kamer van Volksvertegenwoordigers eruit als volgt:

Maximaal aantal zetels

Voor de verplichte deelname aan de verkiezingen van 2014 waren er 8.008.776 (verplichte) stemgerechtigden. Slechts 7.157.498 gingen ook effectief stemmen. Dat is 89,37% of maximaal 134 zetels.

 

De kiesdeler

In België worden de blanco en ongeldige stemmen op één hoop gegooid en genegeerd. Dat is dus een eerste democratisch deficit, want een blanco stem heeft wel degelijk een politieke betekenis. We gaan in onze berekeningen werken met een aanname: dat er van de 412.951 ongeldige en blanco stemmen er 100.000 ongeldige stemmen zijn die we niet meerekenen en 312.951 blanco’s die wel meetellen voor de bepaling van de kiesdeler. De kiesdeler (voor maximaal 134 zetels) bedraagt dan 52.668.

Zetelverdeling (aantal zetels nu):

Partij Stemmen Zetels Afronding
CDH                    336.184   6 (9)  
Debout les Belges    58.043    1  (0)  
Ecolo    222.524    4  (6)  
FDF

121.384

   2  (2)  
MR 650.260  12 (20)  
Parti Populaire 102.581    2  (1) +
PS 787.058  15 (23) +
PTB 132.943    3  (2) +
CD&V 783.040  15 (18) +
Groen 358.947    7  (6) +
N-VA 1.366.397  26 (33) +
Open VLD 659.571  13 (14) +
PVDA + 102.581    2  (0) +
Sp.a 595.466  11 (13)  
Vlaams Belang 247.738    5  (3) +

 

Opm: ’met afronding +’ betekent dat er een afronding naar boven kan indien >0,5 vb 14,65 wordt 15.

Conclusie: Op basis van onze principes telt het federaal parlement slechts 124 parlementsleden en geen 150. Daarvan zijn er 45 Franstalige en 79 Vlaamse Volksvertegenwoordigers (verhouding 64 V/36 F). Voor een meerderheid zijn minstens 63 zetels nodig. De huidige meerderheid (N-VA, CD&V, Open VLD en de Franstalige partij MR) tellen samen 85 zetels, voor een meerderheid van 76 zetels (de helft van 150 + 1). Dezelfde coalitie zou op basis van onze principes 73 zetels hebben terwijl voor een meerderheid 63 volstaan. Dat betekent dat ook voor dit Belgisch voorbeeld de toepassing van deze principes de vorming van een regering niet moeilijker wordt.

Commentaar

  • De verhouding tussen Vlamingen en Franstaligen in het federaal parlement zal dus ook afhankelijk zijn van het aantal kiezers dat stemt en wiens stem ook meetelt. Dat is de logica van een democratie. Vermits de kiesdeler voor elke partij, Vlaamse en Franstalige dezelfde is, kan er geen sprake zijn van een minorisering van een van beide grote gemeenschappen. Het verschil tussen de maximaal 134 en de 124 effectief bezette zetels zijn de ‘lege zetels’ van niet verkozen partijen ten gevolge van de blanco en ongeldige stemmen, die niet toegewezen worden aan de ‘grote partijen’. De vertegenwoordiging van de kleine Duitstalige minderheid kan perfect geregeld worden via een specifieke vertegenwoordiging, op voorwaarde dat deze gemeenschap ook politiek onafhankelijk is van de beide andere gemeenschappen.
  • Terwijl men in Nederland voor de individuele keuze van de kandidaten voorrang geeft aan de kandidaten die persoonlijk het hoogste aantal stemmen haalden, bestaat in België een ingewikkeld systeem waarbij de politieke partij mee bepaalt wie een zetel toegewezen krijgt. Dat systeem is niet democratisch en verhoogt de druk van de politieke partijen op ‘hun’ afgevaardigden. Op het juiste knopje drukken wordt dan de meest verheven opdracht van onze vertegenwoordigers. Deze parlementariërs  vertegenwoordigen 'hun ' partij en NIET het Volk., Volgens onze visie betekent dat heel concreet de afschaffing van de kopstem en het watervalsysteem. Een voorbeeld: wanneer een partijvoorzitter 526.680 stemmen haalt, dan krijgt zijn partij volgens de kiesdeler 10 zetels. MAAR niet de partij (via de lijstvorming) beslist wie een van deze negen bijkomende zetels toegewezen krijgt, maar de individuele score van alle partijkandidaten. De énige macht die de partij dan nog terecht heeft is te bepalen welke kandidaten op de partijlijsten mogen staan.
  • De grote verandering is uiteraard het kleiner aantal parlementariërs én het herstel van het privilege van de kiezers. Dat minder volksvertegenwoordigers ook minder kosten meebrengen mag niet de belangrijkste reden zijn. Het belang zit vooral in een politieke mentaliteitsverandering én een verschuiving van de macht: van partij naar de individuele Vertegenwoordiger. Ze zullen gevoeliger zijn voor de verzuchtingen van hún kiezers en onafhankelijker van de partijoekazes. Helaas worden de Belgische politieke partijen intussen zo beschermd door de particratie (tot en met het zelf mogen bepalen hoeveel geld ze zich uit de staatsruif toe-eigenen). Ons dwars voorstel is dus vloeken in de partijpolitieke kerk. We voelen ons daar goed bij want dat is élke democratische oefening.

 

Zelfverrijking en ondoorzichtige politiek zijn de kenmerken van het Belgisch politiek imbroglio. Wie daaraan probeert te raken zet België te koop.

Uw dwarsligger

Bewaren

Bewaren