Media

  • POP Identifying common 31315255Theresa May ‘verloor’ dus de verkiezingen. Volgens Trouw won noch verloor ze en volgens Het Laatste Nieuws boekte ze “een Pyrrhusoverwinning”. De Standaard had het over “een zware nederlaag”, maar die laatste quotering zal niemand verbazen. Een verlies van 3,9% is tamelijk veel, maar De Wever zal in 2019 tevreden kunnen zijn als zijn partij haar verlies tot 3,9% kan beperken. Voor een regeringspartij is een dergelijk verlies niet ongewoon.

  • b postB-Post ontvangt ieder jaar een subsidie van 324 miljoen voor het bezorgen van kranten. De krantenwinkels, die niets krijgen, zien daarin oneerlijke concurrentie: ze willen ook mee aanschuiven aan de staatsruif. Maar waarom stelt niemand de evidente vragen naar de zin van die subsidies?

  •  

    Wanneer Wetstraatkenners hun hart luchten
     
     
     
    In Knack verscheen op 17 mei een interview met Rik Van Cauwelaert en Guy Tegenbos. Daarin rekenen ze af met de politieke waan van de dag. 'Zijn we nu helemaal zot geworden?'

    Ze zijn niet mild voor ‘schertsfiguren' als Geert Wilders en Abou Jahjah die te veel media-aandacht krijgen, maar sluiten evenmin hun ogen voor de oorzaken van de opkomst van Trump, en dat meer dan 40 % van de Franse kiezers in de eerste ronde stemden op extreem links of rechts bewijst dat de antisysteempartijen ook in Europa in opmars zijn.

    Enkele interessante uitspraken aangevuld met onze dwarse bedenkingen

    Over het succes van antisysteempartijen
    Guy Tegenbos (GT): Er zijn in Europa veel mensen die zich niet vertegenwoordigd of beschermd voelen. Tot de jaren zeventig zorgden de katholieke, socialistische en liberale zuilen er nog voor dat de hele bevolking op de een of andere manier geïncorporeerd werd in ons bestel. Toen bestonden er géén antisysteempartijen.

    Dwarsliggers: Niet alleen het afkalven van de zuilen is oorzaak van de opkomst van antisysteempartijen. Een deel van de schuld ligt bij de particratie: partijen die een eigen leven gingen leiden en vervreemden van hun basis. Datzelfde overkwam ook de zuilen zoals de ARCO affaire voldoende bewees (de christelijke middenveldorganisaties die meededen aan een hoogst risicovol bankenbeleid dat resulteerde in het failliet van ‘hun' bank, DEXIA, waardoor hun coöperanten, dikwijls ook vrijwilligers, hun 'spaargeld' verloren). Het ontbreekt zowel de politieke partijen als het middenveld aan geloofwaardigheid en fatsoen - getuigen de regelmatig opduikende schandalen. Net nu de mensen meer houvast zoeken, blijven de partijen en het middenveld zweren bij oude formules in plaats van zichzelf in vraag te stellen.

    Over vakbonden
    Rik Van Cauwelaert (RVC): Onze vakbonden hebben twee treinen gemist. De eerste is die van communautaire zaken: ze dachten dat tegen te kunnen houden, maar dat is niet gelukt. De tweede is die van Europa: ze hebben niet gemerkt dat alle staatshoofden en regeringsleiders ermee instemden om de macht over de begroting en overheidsfinanciën over te hevelen naar Europa, zodat we nu vallen onder de strenge begrotingsnormen van de Europese Unie.

    Dwarsliggers: De vakbonden en andere middenveldorganisaties hebben altijd vastgehouden aan een dijzige federale constructie. Zowel vakbonden als mutualiteiten beroepen zich daarvoor op de voordelen van een schaalvergroting (samen met de Franstaligen). Dat is een drogreden. Als hun prestaties werkelijk afhankelijk zouden zijn van het aantal leden, dan ligt een veel betere organisatie voor de hand: schaf de partijkleurtjes af! Een fusie van de Vlaamse socialistische, ‘katholieke' en liberale vakbonden zou veel méér leden opleveren, alleen minder postjes voor ‘grote meneren'. Idem voor de ziekenzorg en mutualiteiten. Alles draait om geld en macht. Aan zij die de mond vol hebben van gelijkheid maar zelf zorgen voor ongelijkheid in de dienstverlening: samen kan het beter voor iedereen.

    Over Europa
    RVC: In België moet het parlement elke aanpassing van de grondwet goedkeuren met een tweederdemeerderheid. Maar de overdracht van onze essentiële sociaal-economische bevoegdheden naar de Europese Unie is met een gewone meerderheid goedgekeurd.
    GT: Je beschrijft die sluipende besluitvorming perfect, Rik, maar ik vind het juist goed dat heel wat zaken op Europees niveau gereguleerd worden. België heeft Europa nodig, want zonder de Europese karwats zijn de politici van dit landje niet in staat om een begrotingsdiscipline aan te houden. (…) In Nederland heb je het Planbureau en de Wetenschappelijke Raad, die adviezen formuleren die de politiek niet naast zich neer kan leggen. Bij ons heeft de politiek het gezag van instellingen als de Nationale Bank en het Planbureau vernietigd door er te veel pipo's te benoemen.

    Dwarsliggers: Dat Tegenbos beweert dat België een Europese rentmeester nodig heeft, kan alleen maar gelezen worden als het onvermogen van de Belgische politieke klasse om zelf te zorgen voor budgettaire discipline. Van Cauwelaert hekelt de lichtzinnige manier waarop de machtsafstand ten voordele van Europa tot stand kwam en verwijst daarbij naar de grendelwetgeving, zowat het tegenovergestelde, waardoor de federale besluitvorming leidt tot een totale politieke verlamming. Dat de particratie zo'n hevige voorstander is van meer Europa is begrijpelijk: anders zouden ze het zelf moeten doen, terwijl het nu hún schuld niet is: bange leiders, slecht bestuur.

    Over het confederaal model
    RVC: Een confederaal model is de enige oplossing voor ons land. Ik ben er dus voor, niet omdat ik separatist ben of iets tegen de Walen heb. Maar laten we een keer ophouden met elkaar de schuld te geven. En laten we het zo organiseren dat we naar eigen inzicht kunnen handelen. Maak dus een lijstje op met wat we nog samen willen doen - defensie en justitie, bijvoorbeeld, zoals dat kan volgens artikel 35.

    Dwarsliggers: Dat goed bestuur niet meer mogelijk is na zoveel compromissen ‘à la belge' wordt door heel veel Belgen gedeeld. Zelfs de Franstalige socialistisch toppoliticus Guy Spitaels besefte (lang geleden al in Knack) dat confederalisme de enige optie was voor ons land. Men hoeft inderdaad geen separatist te zijn om de beide grote gemeenschappen zelf hun beleid te laten bepalen en betalen. Dat sluit overigens bovenop de Europese geen (transparante) confederale solidariteit uit met zwakker presterende gemeenschappen. De Vlaamse politieke partij die voor de verkiezingen voluit kiest voor dit positief project “confederalisme is goed bestuur” wint de verkiezingen in 2019 (althans volgens de Simpele Duif).
     

    Of een confederaal model via de invulling van artikel 35 van de Grondwet mogelijk is na de verkiezingen van 2019, hangt naar onze mening niet af van een desastreus verlies van de Franstalige PS zoals Van Cauwelaert denkt. Het zou wel de zaken vergemakkelijken. De énige afweging die allesbepalend is gaat over de vraag of de Vlamingen dezelfde rechten hebben als de Franstaligen? Namelijk, wanneer de Franstaligen het recht hebben om NEEN te zeggen wanneer de Vlamingen een voorstel (politieke solidariteit) doen dat hun niet zint, en alles blokkeren, dan hebben de Vlamingen evengoed het recht om de status quo (financiële solidariteit) die de Franstaligen eisen, te weigeren en de regeringsvorming eveneens te blokkeren. Bedenk dat er is géén goedkopere regeerperiode geweest is dan toen de federale regering in 'lopende zaken' was (26 april 2010 tot 6 december 2011). Ontslagnemend en toch in staat om in april 2011 gevechtsvliegtuigen in te zetten in Libië, je moet het maar doen!

    Over democratie
    RVC: Ik ben verbaasd door de snelheid waarmee de intellectuelen het systeem willen opgeven. Onlangs beweerde iemand in de Frankfurter Allgemeine dat 'iedereen voortaan een test zou moeten afleggen om te bewijzen dat hij wel bekwaam is om te stemmen'. Wie niet slaagt, is niet geschikt om te stemmen. Ook bij ons gaan intellectuele kringen daarin opvallend gretig mee. Want ze zien dat 'die domme mensen' massaal stemmen voor Wilders, of Le Pen. En eigenlijk willen ze de stem van die mensen afpakken.
    GT: Het systeem zit in een legitimiteitscrisis en wat Rik aansnijdt, is waar: een deel van de intelligentsia probeert niet te achterhalen waarom iemand voor Le Pen of Wilders stemt - de uitsluiting, zich verlaten voelen - maar verliest zich in hippe bijkomstigheden.
    RVC: De wereld ziet er heel anders uit bekeken vanuit een villa in Toscane (nvdr het vakantiestolpje van gewezen premier Guy Verhofstadt), dan vanuit een oud appartement aan de Brugse Poort in Gent.

    Dwarsliggers: Van Cauwelaert is een beleefd man. Wie dat minder is zou ook schrijven dat de systeemcrisis veroorzaakt werd door zelfvoldane intellectuelen en politiek correcte politici die mensen met gezond boerenverstand niet meer konden overtuigen. Een deel van het antwoord ligt bij de volksvertegenwoordigers die vandaag alleen nog hun partij vertegenwoordigen en niet meer hun kiezers.

    Waar beide senior journalisten discreet over bleven: De media. Die hebben hun vrijdenkers geruild voor marketeers en slaafjes van de commercie, die elke dag naar hun eigen foto kijken in hun krant. We verduidelijken dit graag met een voorbeeld.

     
     
    Van kwaliteitskrant naar commercieel product
     
     
    Tijdens een onderzoek naar de evolutie van De Standaard (DS) merkte ik enkele markante wijzigingen op die zich situeerden in de periode dat Peter Vandermeersch hoofdredacteur was (1999 – 2010); nu hoofdredacteur van NRC Handelsblad.

    Een eerste opvallende ingreep was de ‘modernisering van de krant' die evolueerde van een 'notariskrant' naar een commercieel product. Ideologisch schrapte hij de verwijzing naar de Vlaams-christelijke erfenis van DS. Het tweede was het verkopen van zijn journalisten als ‘Bekende Vlamingen'. Beide ingrepen zorgen ervoor dat hij uitgeroepen werd tot marketeer van het jaar 2007. Een unicum voor een hoofdredacteur, waarbij de vraag terecht is of ‘marketeer' en ‘hoofdredacteur' wel een goede combinatie is voor de kwaliteit van de krant.

    Journalisten een gezicht geven begon met de krant van vrijdag 2 januari 2004

     
     

    De geboorte van de ‘Bekende Journalist' zorgde voor interne concurrentie; behoren tot de ‘sterjournalisten' die mét foto in de krant kwamen. Zo ontstond een netwerk van gelijkgezinde BJ, die meer dan ooit hun stempel drukten op wat de krant mocht publiceren: welke opinies belangrijk waren en welke beter niet te veel aandacht kregen; net genoeg om toch de schijn op te houden.
     
    Vandermeersch had er zelfs geen moeite mee om deze ideologisch gestuurde berichtgeving ook publiekelijk toe te lichten: (DS 15 oktober 2003) Media zijn dus al lang geen neutrale toeschouwer in het maatschappelijk debat. (…) Ze zijn daarenboven niet de minste speler. Want ze maken het spel moeilijker en ondoorzichtiger omdat ze, sedert de ontzuiling van de media, niet langer een herkenbaar shirt aan hebben'.
    Dat DS 'onherkenbaar' werd, klopt. Het werd een politiek correcte Belgische krant en dat was voor de aandachtige Vlaamse lezers zeer snel merkbaar.
     
    De eerste journalist die kort daarop mét zijn foto naast de titel van zijn column op de opiniebladzijden prijkte was Marc Reynebeau. Een historicus die niet bij de grote namen van de historici wordt vermeld, maar door zijn bekendheid als BJ veelvuldig aanwezig was in TV-programma's. Er was geen dag of hij dook ergens op om zijn persoonlijke visie te verkondigen. Dat het gekleurde informatie was en is, zullen slechts weinig aandachtige lezers/kijkers ontkennen. Toen ik ooit de Raad voor de Journalistiek (RvJ) contacteerde om hen op die gekleurde journalistiek te wijzen, was de reactie 'dat weet toch iedereen', eraan toevoegend dat ze daarvoor niet  bevoegd waren.

    Wat een verschil met de tijd dat Manu Ruys hoofdredacteur was van de ‘notariskrant'. Toen kende men de namen van de journalisten en waardeerden de lezers de inhoud van hun bijdragen, maar geen mens die Ruys zou herkend hebben op straat. Vandaag kent men de journalist 'van zien'; als BJ, een titel die  garant zou staan voor kennis en kwaliteit.


    Hier drie foto's waarbij we u laten raden wie wie is en wie ‘op zicht' bij mekaar thuis hoort:
     
     
     
     
     
     

    Dat deze populistische ingreep van Vandermeersch navolging kreeg was voorspelbaar. Steeds meer journalisten doken op in TV-programma's en werden gevraagd voor causerieën tegen een vergoeding die hun bescheiden loon goed aanvulde. Dat ze minder bezig waren met hun krant en hun artikels was blijkbaar geen probleem en enkel een dwarsligger zal zich afvragen of minder tijd ook gevolgen had voor de kwaliteit.

    Met Björn Soenens als hoofdredacteur van ‘Het Nieuws' op EEN gebeurde hetzelfde. Opeens werd de naam van de hoofdredacteur, zijn naam dus, vermeld op het einde van elk nieuwsbericht en kwam hij zelf veel meer dan zijn voorgangers ook op TV. Zo werd hij eveneens een ‘Bekende Journalist'. Het liedje duurde gelukkig niet lang maar ook zijn opvolgster, Inge Vrancken, volgt vooralsnog zijn ‘goede voorbeeld'.

    Inhoudelijke kritiek op DS slaat vooral op het NIET publiceren van alle invalshoeken en niet enkel hun ideologische visie. Zo werden en worden de multiculturele samenlevingsproblemen door DS bewust onder de mat geveegd of geminimaliseerd.

     
    Dat ze nog altijd sommige invalshoeken weigeren te publiceren, ondervinden we vandaag onder meer met het klimaatdebat. Terwijl de klimaatalarmisten massaal hun visie mogen opdringen, werden klimaatsceptici geweerd. Toen een groep klimaatwetenschappers in een open brief in DS bezwaar maakte tegen de kandidatuur van Jean-Pascal Van Ypersele de Strihou als voorzitter van het VN klimaatpanel (IPCC) en de krant daarvoor kritiek kreeg, vond de ombudsman er niet beter op dan te verklaren dat deze groep wetenschappelijk welsiwaar niet relevant was, maar dat hun actie wel nieuwswaarde had. Op basis van welke persoonlijke kennis de ombudsman dergelijke veroordeling uitsprak, heeft hij nooit kunnen/willen uitleggen.

    En het houdt niet op: enkele maanden terug nodigden wij een journalist van DS uit (die al over de klimaatverandering publiceerde) om eens te luisteren naar een wetenschapper die bereid was om al zijn kennis te delen, zonder dat daar enige verplichting bij was om wat dan ook te publiceren. Hij mocht de documentatie bij thuiskomst gerust in de vuilbak kieperen.

    We hebben niets meer gehoord. Dat kan zijn omdat de journalist inderdaad geen interesse had, maar het zou ons niet verbazen mocht hij afgehaakt hebben in de wetenschap dat een kritisch artikel in DS toch geen schijn van kans maakt op publicatie. Een journalist kan niet alles weten, maar niet bereid zijn om bij te leren, om een ruimer plaatje te bekijken lijkt ons fundamenteel fout voor een ‘kwaliteitskrant'.

    Ook het energiedebat krijgt weinig aandacht omdat de redacties (zowel TV als pers) vooral gevuld zijn met adepten van een groene ideologie, en daarom grote moeite hebben om ook het belang van energiezekerheid en nucleaire centrales op een objectieve manier te benaderen.

    En zeer recent valt het duidelijk moeilijk voor deze politiek-correcte redacties om Vlaamsgezinde projecten zoals een confederaal model voor België met een open geest te benaderen, laat staan te steunen.

    Voor Vandermeersch had "De Standaard de pretentie om een rol te spelen in de Vlaamse samenleving. We willen die samenleving open en verdraagzaam, democratisch en welvarend. Het is onze taak om over die samenleving te berichten, die te analyseren en te becommentariëren".

     
    Wat de lezers daarvan dachten en denken is ook voor de huidige redactie niet belangrijk. En we willen de pret niet bederven, de afspraak was om een commercieel product te maken dat door veertienjarigen kon gelezen worden en daar zijn ze in geslaagd.
     
     
     
    Pjotr's Dwarsliggers

    Bewaren

  •  
     
    Opiniejournalisten – 2
     
     
    Waarde lezers,
     
    Dit is het aangekondigde tweede deel over de opiniejournalistiek in Vlaanderen. (lees hier deel 1). Ditmaal onderzoeken we in welke mate onwetendheid oorzaak is van misleidende opiniejournalistiek.
     
    Inleiding
     
    We houden rekening met volgende aandachtspunten:
     
    Onze correspondentie begon met een reactie op één artikel, maar al snel bleek dat er veel meer journalisten betrokken zijn bij de opiniejournalistiek en het dus niet correct is om één journalist expliciet te vermelden. We houden ons wel aan de informatie die we ontvingen via e-mails en verwijzen indien nodig naar een bepaald artikel.
     
    Dat journalisten niet in alle domeinen kunnen onderlegd zijn is niet het probleem. Waar het op aan komt is dat ze aandacht hebben voor de verschillende invalshoeken. Vooral wanneer de journalist niet voldoende kennis heeft om te kunnen oordelen over deze verschillen.
     
    Opiniejournalistiek als gevolg van onwetendheid is vooral gevaarlijk wanneer de onderwerpen berusten op wetenschappelijke wetten en procedures. Informatie over onderwerpen zoals voedselveiligheid, de klimaatverandering, en energieproblemen moeten wetenschappelijke controle doorstaan. We gaan ons in deze bijdrage dan ook beperken tot problemen in deze domeinen.
     
                         Case study 2: Over onwetendheid
     
    Terwijl ideologisch geïnspireerde opiniejournalisten bewust de (maatschappelijke) informatie manipuleren, zijn voor de onwetendheid meerdere oorzaken te vinden.
     
    Tijdsdruk. Op mijn vraag of hij iets kon verduidelijken reageerde een journalist met ‘Dat weet ik niet. Ik ben al weer bezig met een volgend artikel. Maar dat kan u ongetwijfeld zelf hierin vinden…' Na controle van zijn referte bleek duidelijk dat hij de informatie heel oppervlakkig had geïnterpreteerd. Meer hierover verder.
     
    Ooit was ik aanwezig op een debat waarover ik de dag nadien in de krant een verslag las van een bekend journalist die niet aanwezig was en dus niet kon wéten wat daar allemaal gezegd werd. Vermoedelijk had hij het verslag gekregen van (één van) de organisatoren en dat klakkeloos overgenomen.
     
    Intellectuele luiheid. Een van de gevaarlijke evoluties die we ook in het domein van de opiniejournalistiek vaststellen is het afzweren van één van de pijlers van de Verlichting: aude sapere. De moeite doen om ZELF méér te weten. Vooral in het domein van de klimaatproblematiek was het opvallend hoe gemakkelijk de gecontacteerde journalisten meegaan met ‘the science is settled'. Elke inspanning om zelf een dieper inzicht te krijgen was te veel gevraagd.
     
    Arrogantie. Erger wordt het wanneer een journalist niet eens beseft dat hij onwetend is. ‘Ik schrijf al vijftien jaar over dit onderwerp', terwijl uit onze correspondentie met hem een groot gebrek aan kennis blijkt. Of zoals Pieter Adriaens (KU Leuven) hierover schreef: Domheid en arrogantie is een ellendige combinatie.
     
    Waarom duiding verworden is tot opiniejournalistiek
     
    Dat het gebrek aan voldoende journalisten een rol speelt bij de teloorgang van duiding en onderzoeksjournalistiek wordt duidelijk wanneer we het aantal ‘te vullen' pagina's vergelijken. Bij voorbeeld De Standaard vulde vroeger als kwaliteitskrant hooguit een tien à vijftiental bladzijden. Vandaag telt DS in de weekedities een vijftigtal pagina's en het dubbele in de weekendeditie. De Morgen telt zo'n dertig pagina's en De Tijd slechts twintig pagina's (plus een rubriek ‘Markten' beleggingswaarden). Dat daar heel veel copy paste en reclame tussen zit, mag niet verwonderen.
     
    Tegelijkertijd met het ‘dikker' worden van de krant werd gesnoeid in het aantal journalisten. Dat begon met Peter Vandermeersch (DS nu NRC Handelsblad) die als hoofdredacteur van DS verkozen werd tot marketeer van het jaar en ervoor zorgde dat de ‘lege lokalen van journalisten opgevuld werden met marketeers'. Lees hier meer.
     
    Minder journalisten, méér bladzijden te vullen en redacties die de reclame-inkomsten van firma's/instellingen moeten beschermen (inclusief de sponsoring door de gevestigde politieke macht) hebben de kwaliteit van de berichtgeving geen deugd gedaan. Het was gewoon uit onvermogen dat de duiding – die veel meer kennis en opzoekwerk vergt – vervangen werd door opiniërende journalistiek. Dat de opiniejournalist onmogelijk voldoende kennis kan hebben over de diverse onderwerpen waarover hij/zij moet schrijven is duidelijk géén beletsel. Vandaar de denigrerende maar soms wel terechte uitspraak over opiniejournalisten dat ze bij het schrijven ‘niet gehinderd worden door enige kennis terzake'.
     
     
    Voorbeelden van opiniejournalistiek
     
     
    Voedselveiligheid
     
    Naar aanleiding van de eierbesmetting door Fipronil stuurde ik een mail naar DS met daarin onder meer volgende:
    Het verbaasd mij dat DS er blijkbaar plezier in schept om ons land de zwarte piet toe te schuiven. (…) Ik stel vast (louter op wetenschappelijke basis) dat de volksgezondheid nooit in het gedrang gekomen is. De discussie die u voert is puur politiek 'zoek de dader'.
    Maar nog belangrijker is de keuze van de media om meer geloof te hechten aan één bepaald agentschap (of bepaalde normen) en de andere af te doen als niet wetenschappelijk. Ik vraag mij telkens af op basis van welke wetenschappelijke argumenten de krant dit doet. Dat was ook het geval voor glyfosaat en voor het genetisch gemodificeerd producten, met ( als toppunt van onwetenschappelijkheid) de totaal uit de hand gelopen vernieling door 'academici' van een (universitair) proefproject!
    Dramatiseren mag dan wel goed zijn voor de verkoopcijfers van uw krant, maar niet voor uw geloofwaardigheid.
     
    We kregen daarop een eerlijk antwoord waarin de journalist toegeeft dat hij het eens is met de foute journalistieke aanpak tijdens de glyfosaatcrisis (de onkruidbestrijder ‘Round Up' die zonder wetenschappelijke grond verboden werd; lees hier meer). Dat Fipronil geen gevaar was voor de volksgezondheid geeft hij ook toe. Zijn enige kritiek slaat op de manier waarom er gecommuniceerd werd door het agentschap voor voedselveiligheid (FAVV). ‘Tegelijk valt niet te ontkennen dat de communicatie belabberd was en dat er internationaal veel kritiek is op het FAVV. Het is niet omdat de gevolgen nu meevallen, dat we dit aspect mogen veronachtzamen.'
     
    Toch wel heel bizar dat de krant kritiek heeft op de communicatie van het FAVV – die in feite niets te zeggen had, want er was geen gevaar voor de volksgezondheid - maar niet bekommerd is over de enorme schade die de kranten mede aangericht hebben door het onterecht opkloppen van het vermeende gevaar!
     
    Kafka: een Nederlandse eierboer die ook een bedrijf heeft in Duitsland en waarvan zijn volledige voorraad in Nederland vernietigd werd, mag zijn ‘Duitse' eieren invoeren die alleen aan de minder strenge Duitse norm voldoen.
     
    Klimaatverandering
     
    Voorbeeld 1: 'Klimaatopwarming heeft invloed op hevige neerslag na Harvey'
     
    De krant laat in de openingsparagraaf een specialist aan het woord (vetjes gedrukt) ‘De klimaatopwarming heeft volgens weerman David Dehenauw een invloed op die hevige neerslag. ‘Hoe warmer het zeewater wordt, hoe meer verdamping er is. Dan zit er meer vocht in de wolken, en is de neerslag heviger', zegt Dehenauw.'
     
    Net zoals wij dwarsliggers had de redactie zich kunnen afvragen of de uitspraak van Dehenauw wel klopt en in welke mate? Het wetenschappelijk antwoord hierop: ‘Het klopt dat bij een hogere temperatuur de dampspanning van water hoger is en de fractie water in de lucht inderdaad ook hoger wordt. MAAR daarbij had de journalist ook moeten opmerken dat wetenschappelijk onderzoek aantoont dat voor één graad opwarming er 2 % meer water in de lucht aanwezig is. En aan een opwarming van één graad zijn we momenteel nog niet toe en dus speelt de klimaatopwarming nauwelijks een rol.
     
    Deze tekst in vetjes zet de toon maar is misleidend. Verder in het artikel lezen we ook: Sinds de jaren '70 zijn er meer en hevigere orkanen in het Atlantisch bassin. Of dat effectief komt door de klimaatopwarming is niet zeker. 'Daar is geen pasklaar antwoord voor', zegt Dehenauw.
     
    Opnieuw doet de krant mee aan het dramatiseren van een situatie. We kunnen ons voorstellen dat onwetende lezers, misschien zelfs enkele dwarse lezers, hierin opnieuw zullen een bevestiging lezen van de vermeende dramatische effecten door de klimaatopwarming.
     
    Voorbeeld 2 ‘Wat Exxon niet vertelde over de klimaatopwarming'
     
    In dit artikel citeert de journalist uit een studie: ‘Dat blijkt uit een studie van de Harvard-historici Geoffrey ­Supran en Naomi Oreskes, die toegang kregen tot het intern archief van de oliereus en hun bevindingen publiceerden in het gespecialiseerde blad Environmental Research Letters. (…) Daaruit blijkt dat er intern al in 1979 nog weinig discussie bestond over de effecten van klimaatverandering. ‘Als het huidige tempo van verbranding van fossiele brandstoffen aanhoudt, zullen de effecten op het milieu nog voor 2050 dramatisch zijn', staat te lezen in een vertrouwelijk document van Exxon. En dat liefst tien jaar vooraleer er binnen de VN voor het eerst vergaderd werd over klimaatopwarming. Exxon betaalde honderden opinieartikels in Amerikaanse kranten, waarin wetenschappers bewust twijfel zaaiden. De interne waarschuwing was de eerste van vele. Volgens de Harvard-historici erkenden 83 procent van de wetenschappelijke studies en 80 procent van alle interne documenten bij Exxon Mobile dat klimaatopwarming bestaat en door de mens is veroorzaakt, inclusief documenten die stellen dat daarover minstens voldoende twijfel – ‘reasonable doubt' – bestaat.'
     
    Die laatste vaststelling deed bij ons een lampje branden. 83% studies die de menselijke activiteit als oorzaak vermelden leek ons zeer veel. Daar zijn wel de studies bijgeteld die komen tot een ‘reasonable doubt'. Twijfel betekent in de natuurwetenschappen alleen maar dat men het niet weet, terwijl de onderzoekers deze resultaten samenvoegden met de studies die aan deze stelling niet twijfelen.
    Maar we wilden meer weten, namelijk hoeveel studies tot deze ‘voldoende twijfel' kwamen? Zijn antwoord: ‘Dat weet ik niet. Ik ben al weer bezig met een volgend artikel. Maar dat kan u ongetwijfeld zelf hierin vinden…' In bijlage vonden we de studie en uit de figuren 1 en 2 stellen we vast dat het aantal ‘erkenning inclusief redelijke twijfel' het grootste aantal oplevert (65%). Maar van de ‘peer reviewed' studies wordt dat aantal plots minimaal (3%) en zijn het vooral studies die de stelling onderschrijven die het label ‘peer reviewed' krijgen (Een abnormale stijging van 15 naar 80%!

    Kortom, de journalist heeft niet de moeite gedaan om deze studie goed te lezen. Tijdsgebrek, onvoldoende kennis en wellicht vanuit de reflex dat ‘the science is settled' en deze stelling wel waar moet zijn. Foei EXXON en foei opiniejournalist?
     
    Voorbeeld 3 Ik schrijf hier al vijftien jaar over
     
    Ik schrijf hier al 15 jaar over en ik ben absoluut geen alarmist, maar ik vind de toestand steeds zorgwekkender worden. Ook collega's die zelfs 5 jaar geleden nog sceptisch waren, zijn ondertussen overtuigd van de ernst van het probleem.
     
    Onze correspondentie was zeer intensief en dus kunnen we enkel de meest relevante uitspraken aan een onderzoek onderwerpen.
    Volgende tekst waar hij verschillende keren naar verwijst en een antwoord op vroeg:
    1. De temperatuur stijgt.
    2. er bestaan broeikasgassen: CO2, methaan…
    3. De hoeveelheid CO2 in de atmosfeer stijgt: dat blijkt uit de metingen op Mauna Loa op Hawaii. Sinds 1958 is de concentratie CO2 gestegen van 315 ppm tot meer dan 400 ppm
    4. Dat komt vooral door de verbranding van fossiele brandstoffen.
    Moeilijker is het echt niet.”
     
    Toen ik dat las dacht ik meteen aan het initiatief van DS die in een krantenactie aan kinderen vroeg om hun voorstellen die de opwarming zouden stoppen.
    Een ander dwarsligger vond deze redenering interessant en gaf een ander voorbeeld: De Pest wordt veroorzaakt doordat de Joden de bronnen vergiftigen. (14de eeuw). Nogal logisch want:
    - Er bestond pest
    - Er waren joden
    - Er waren bronnen
    - Die bronnen moesten door mensen vergiftigd zijn.
     
    Helemaal op het einde van onze discussie, toen hij door had dat we geen kinderen waren, zou hij toegeven dat deze standpunten niet voldoende waren. Het waren zijn voorwaarden om verder te willen praten … Een beetje laat want ondertussen had hij bewezen dat zijn kennis echt ontoereikend was en hij duidelijk niet open stond voor informatie die niet strookte met zijn overtuiging.
     
    Eenzijdige informatie
     
    Mijn kritiek dat DS eenzijdig informeert counterde hij door de namen te noemen van sceptici die wel aan bod kwamen: ‘DS heeft artikels geschreven met en over wetenschappers die vraagtekens plaatsen bij de klimaatverandering, ten minste als ze niet de essentiële wetenschappelijke feiten ontkennen. Ik geef als voorbeeld Bjorn Lomborg, Salomon Kroonenberg of Marcel Crok. We hebben andere invalshoeken belicht, alleen worden die steeds ongeloofwaardiger, want tegengesproken door nieuw wetenschappelijk onderzoek. En het is de plicht van een goede journalist om dat te schrijven.'
     
    Wij dus naar de online archieven van DS om daarbij vast te stellen dat zijn verdediging gebakken lucht is.
     
    Met de zoekterm ‘Bjorn Lomborg' vinden we zestien artikels. Eén daarvan daterend van 4 september 2010 heeft als titel: ‘Björn Lomborg, boegbeeld van de klimaatsceptici, lijkt zijn kar gekeerd te hebben'. 'We moeten massaal investeren in de strijd tegen klimaatverandering.' Auteur: Dominique Minten
     
    Niet één van de artikels spreekt over de argumenten van scepticus Lomborg. Erger het meest recente dateert van 2010! Terwijl wij, dwarsliggers, op 4 juni 2017 Lomborg zijn bijdrage met als titel: Klimaatakkoord is geld en tijdverkwisting' publiceerden. Dat was duidelijk een brug te ver voor de opinieredactie van DS.
     
    De zoekterm ‘Salomon Kroonenberg' levert 17 resultaten op. De meest ‘bedenkelijke opmerking' die deze bekende Nederlandse geoloog maakt laat wel aan duidelijkheid niets te wensen over; citaat uit een artikel:
    De sceptici, of ‘negationisten' zoals ze in kringen van klimatologen worden genoemd, worden stilaan vreemde eenzaten. Op hun beurt met uitsterven bedreigd. Maar ik wil u Salomon Kroonenberg, dissident en hoogleraar aan de Universiteit van Delft, niet onthouden. ‘De aarde is veel grotere rampen als deze gewend. Het duurt hooguit een of twee eeuwen voor de aarde de mens vergeten is. Waarom doet u de afwas? Om te vermijden dat er schimmel op uw borden komt. Ziet u: de natuur overwint altijd.' En ook over de menselijke veerkracht is hij positief: ‘In principe kan de aarde tien miljard mensen voeden, maar we zijn inventief genoeg om de opbrengsten van de gewassen nog sterk te verhogen en dat aantal te vermenigvuldigen.'
     
    Deze paragraaf staat onderaan een lang artikel dat beweert dat de wereld aan het kantelen is: De wereld zoals we die kennen, zal weldra vergaan. De voorspelling komt deze keer niet van een bedenkelijke goeroe maar van 22 wetenschappers met naam en faam. Auteur: Ann-Sofie Dekeyser. Het dateert van 9 juni 2012 en is het meest recente kritisch artikel.
     
    Daar tegenover staat dat Salomon Kroonenberg op onze bijdrage over de opwarming van de aarde reageerde: ‘Volkomen eens met Pjotr'. En als u het ons vraagt, verkiezen we het gezelschap van een geoloog boven een communicatiespecialist wanneer het gaat over de opwarming van de aarde!
     
    Tenslotte Marcel Crok, Nederlandse journalist die heel veel moeite doet om alle informatie over deze problematiek te verwerken. Hij was tevens een van de deelnemers aan ‘Het grote klimaatdebat' dat we organiseerden op 22 mei 2015 in Affligem.
     
    De tag ‘Marcel Crok' is goed voor vier artikels, waarvan twee over het klimaat. Deze twee artikels dateren van 2010 en 2014! Dat vond menvoldoende.
     
    Onze conclusie is duidelijk: dat DS ook sceptici op een objectieve manier een stem gaf, is gewoon een leugen. Ze waren hooguit een schaamlapje en werden negatief voorgesteld.
     
    Om deze reeks voorbeelden af te sluiten nog enkele citaten uit de ontvangen correspondentie en onze reactie:
     
    De journalist: Ik geef je nog een link mee van Nature waarin de situatie nog eens helder gesteld wordt. "Consecutive record-breaking high temperatures marked the handover from hiatus to accelerated warming"
     
    Onze wetenschapper las deze studie en reageerde:
    Hij kan dat bijgevoegd artikel in geen geval begrijpen, maar hij gebruikt enkel de titel als ‘alarmerend signaal'. We zijn, in de fysica, soms gedwongen met secundaire grootheden (zoals maxima) te werken, omdat het niet anders kan. Maar toch niet als het om temperaturen gaat, die we eerst direct meten om dan de secundaire grootheden (maxima) te bepalen, om dan de tertiaire grootheden (frequentie van maxima) te bepalen en daaruit iets te willen afleiden over de evolutie van de primaire grootten die we veel duidelijker direct kunnen zien. Als we het volledige gamma van dergelijke mogelijkheden uitputten kunnen we tonen dat gelijk wat stijgt of daalt, naar wens. Als afschrikwekkend voorbeeldje zouden we de oefening van het artikel ook eens kunnen maken met frequentie van de temperatuurminima. De enige conclusie die we uit dat artikel echt met enige zekerheid kunnen trekken is dat de temperatuur stijgt. Maar dat wisten we al en dat hebben we ook nooit een moment in vraag gesteld. Dat is ook een van de problemen. De alarmisten overspoelen ons met studies die dingen tonen die ook wij weten en geloven en denken dan dat ze een punt maken.

    Het half begrijpen van die dingen voert tot zeer absurde situaties. Ik las net in De Morgen een interview met Jeroen Olyslaegers. Die denkt werkelijk dat het zeeniveau deze eeuw nog twee meter gaat stijgen en is daardoor dus – volkomen begrijpelijk – verontrust. En natuurlijk is er niemand in de buurt die hem kan vertellen dat het eerder 15 cm gaan zijn! Dus blijft hij dat denken, en vertellen, en duizenden mensen gaan het geloven en zelf verder vertellen… en ze hebben allemaal een stem bij de verkiezingen.
    Ze zitten dus met z'n allen verkeerd, maar volgens postmoderne opvattingen zitten ze daardoor net juist: ramp niet meer tegen te houden.
    .
    Dergelijke kudde fenomenen zijn ook in de wetenschap helemaal niet zo uitzonderlijk. Toen Stanley Prusiner aantoonde dat er nóg een vorm van levende organismen, namelijk ‘prionen' bestaat, geloofde bijna niemand van zijn collega's hem. Dertig jaar hebben ze hem uitgelachen, geboycot, zijn publicaties gehinderd en uit instellingen geweerd. De publicaties die hun afwijzing moesten onderbouwen werden steeds gekunstelder en absurder. En geen mens merkte iets. Tot de BSE crisis uitbrak, en toen viel iedereen jammerend uit de lucht. Prusiner kreeg in 1997 de Nobelprijs, waarvan geen enkel BSE slachtoffer beter werd…
     
    Het laatste woord is voor de journalist: Het IPCC stelt ook duidelijk dat de precieze gevolgen van de opwarming van de aarde nog niet helemaal vast staan. Ze wijst alleen op mogelijke scenario's. Maar het staat wel voor 100 procent vast dat de uitstoot van CO2 en andere broeikasgassen op dit moment van de geschiedenis aan de basis liggen van de opwarming. En de mens is de hoofdverantwoordelijk voor die uitstoot. Dus als u beweert dat dit nepnieuws is, dwaalt u. Moeilijker is het echt niet.
     
     
     
     
     
                 Pjotr's Dwarsliggers
  • gebeten om te weten DRIEHoe komen vissen ertoe in scholen te zwemmen? Dat is niet zo moeilijk. Het zal wel om dezelfde reden zijn waarom organismen bijna alles doen zoals ze het doen: het brengt evolutionaire voordelen. Maar daarmee komt nog geen einde aan de vragen.

  • RVCTegenbosIn Knack verscheen op 17 mei een uitgebreid interview met Rik Van Cauwelaert en Guy Tegenbos.Daarin rekenen ze af met de politieke waan van de dag. 'Zijn we nu helemaal zot geworden?'

  • GarschagenOver stand-ins, gefabriceerde verhalen en toneelspelers

  • abdeslam SalahDe aanslagen in Brussel zorgden wereldwijd voor commotie maar wat een verschil met Parijs op 13 november 2015: toen was er geen kritiek te horen, nu wel en die is niet min. We vroegen ons af hoe dat komt.