Print

solar chinaGastauteur Dr. ir. Eric Blondeel: Volgens het IPCC warmt de aarde op door de toename van de antropogene CO2. Om CO2 productie tegen te gaan zijn klimaatakkoorden afgesloten. Zonnepanelen of  'Photo Voltaic' PV  energie dan maar?

Er is door het IPCC geen enkele wetenschappelijk sluitende publicatie die aantoont dat de temperatuur stijgt door antropogene CO2,en studies die aantonen dat CO2 nauwelijks een rol speelt worden genegeerd.

Het gevolg van deze akkoorden is dat België een energiepact wil afsluiten . Dit pact is duur en maatschappelijk ingrijpend. De regeringen beschikken niet over de financiële middelen voor de groene energie transitie en zoeken naar een wijze om de kosten naar de burger door te schuiven via een energiepact. De Vlaamse regering heeft zich overschat met de biocentrales en die afgevoerd, een van de compenserende middelen die minister Tommelein beoogt is verhoogde PV energie. Is die ( Photo Voltaic) PV energie wel zo goed als de minister laat uitschijnen?

Vijf stellingen:

Zonnepanelen ofte PV uit China is netto vervuilend . De vervuiling wordt uitgedrukt in gCO2eq/KWh. Fabrikanten geven nooit emissiewaarden die zelfs een commerciële waarde hebben, en zijn het niet verplicht, op zich is dit verdacht. Er is weinig onderzoek op dit domein. Ferroni van het ETH Zurich onderzocht in 2014 samen met een Chinese professor de PV paneelfabricage in China . De gemiddelde uitstoot is 978 gCO2eq/KWh voor panelen geplaatst in Duitsland met 25 jaar levensduur en ca. 13% efficiëntie. Dit cijfer vergeleken met de uitstoot voor elektrische energie(ecometrica) in België (223) en Frankrijk (71) en Duitsland (673) leidt tot de conclusie dat PV een netto vervuiler is , waarbij de uitstoot geëxporteerd is naar China.

De mainstream publicaties voor PV zijn fout. De eerste fout is uitvlaggen van de productie, China heeft een CO2 emissie voor elektriciteit van 1110, diezelfde cellen geproduceerd in België zouden rond 200 gCO2eq/KWh uitkomen. PV cellen uit China zijn niet groen, uitvlaggen was totaal onverantwoord. Voor geïnteresseerden zie ook SVCT Solar Scorecard.

De tweede fout is dat CO2 emissies altijd foutief berekend worden, iedereen gebruikt de 2014 IPCC gemiddelde waarde van 41 gCO2e/KWh voor rooftop , niet beseffende dat dit een genormaliseerde waarde is en dient geactualiseerd naar toepassing, zo is er ongeveer een factor 3 ( 5 voor België) voor elektriciteitemissie en een factor 2,25 voor vollast uren per jaar, dit brengt de PV emissie reeds op 277 geCO2/KWh zonder bijtelling voor rendement, transport, plaatsing en converter waardoor gebaseerd op de circulaire waarde uitkomt op 400 tot 450 gCO2eq/KWh. Het lijkt er in vergelijking met Ferroni op dat de 2014 IPCC waarden te laag zijn, zelfs de maximum waarde van 60.

PV is onbetrouwbaar en eist een extreem duur netwerk. Hiervoor wordt de belasingsfactor gebruikt, dit is de productie omgerekend naar aantal uren op nominaal vermogen. Voor wind offshore is dit rond 40%, onschore rond 25 . PV is 8,2 in Duitsland en lager dan de bijna 11 in België ( bemerk dat de installaties normaal gedimensioneerd worden voor 13% wat op prestatieverlies wijst). Dit betekent dat van zodra in België gemiddeld 11% PV energie geproduceerd wordt de PV in staat is tijdens een piek gans het land van elektriciteit te voorzien. PV zal altijd een marginale leverancier blijven . De 89% andere behoefte oplossen met batterijen is economisch onhaalbaar wegens te weinig laadcyclussen. Daarbij heeft PV een tweede groot nadeel van de zomer / winter cyclus waarbij de productie ongeveer een factor 5 uit elkaar liggen wat batterijgebruik voor de wintertoepassing totaal uitsluit, de zomer stroompiek produceert voor een negatieve prijs.

Een derde nadeel van PV is een enorme uitbreidingskost van het elektriciteitsnet met bijhorende complexiteit. Het geïnstalleerd PV vermogen bij de producent dient 9 maal het gemiddelde verbruik te zijn voor zero verbruik over het jaar, dit betekent dat alle woningen op eenzelfde ogenblik ( neem in de zomer als iedereen op verlof is) 9 maal het gemiddeld vermogen in het net sturen. Het net moet 9X groter worden en veilig de stroom in de omgekeerde richting sturen zonder controlemogelijkheid op de leverancier. Daarbij zijn de meeste aansluitingen tweefasig voor een driefasig distributienet met bijkomende problemen als netbalancering, netstabiliteit ( spanning en frequentie) en blind vermogen. Daardoor wordt het netbeheer duur en behoorlijk complex met risico op veiligheidsverlies.

PV is sterk indirect gesubsidieerd. Per % PV stijgt de consumentenprijs met 5%. Mede door de terugdraaiende teller betaalt de prosument (naast de aanschafkost van  PV) niets: geen BTW, geen (dubbele) netkost, geen penalisatie voor de negatieve prijs bij overschotten, gratis dure stroom uit gascentrales in de winter, soms financiering deels door subsidies zoals voor zero energie woningen, garantie op investeringsrendement door de prosumentenkost te laag te houden.

PV is een socio-economisch probleem met risico op een kostenspiraal. De netkosten stijgen met de PV aangroei waarbij het aantal betalende daalt. Door de kwadratisch stijgende stroomprijs worden minder goede PV oriëntaties toch renderend ( meer oost en westelijk gericht) , daardoor stijgt het aantal installaties opnieuw waardoor de netkosten verder kwadratisch stijgen. Twee gevallen doen zich nu voor, enerzijds de minder gegoeden krijgen compensatie voor de duurdere stroom, anderzijds haken grotere verbruikers zonder PV af van het net en genereren hun eigen stroom, daardoor nog minder betalenden en de kostenspiraal is geboren. Australië is al een voorbeeld waar gebieden met te weinig back-up ( om de kosten laag te houden) ook volgend jaar black-outs zullen hebben, in andere gebieden schakelen landbouwers over op dieselgeneratie. Dit leidt tot chaos.

 

Gastauteur Dr. ir. Eric Blondeel