Geert BourgeoisBegin april voelde onze minister-president zich geroepen om, in de nasleep van de tragedie van 22 maart in Brussel, ook zijn duit in het zakje te doen. Hij deed dat in ‘De Zondag’, overgenomen door ‘De Morgen’.

Hij ontvouwt een plan met twee luiken. Enerzijds nul tolerantie tegenover de intolerantie. Anderzijds met open armen toegaan op onze moslim medeburgers. Bourgeois maakt zich – terecht – zorgen over de cohesie van onze maatschappij.

 

De Duitsers zeggen in dergelijke gevallen: “Goed gebruld leeuw!”. En inderdaad, het gezond verstand en de rechtlijnigheid van zijn betoog steken weldoend af tegen de ‘andere’ commentaren die we in dit verband horen en lezen. Ik zou dus dolgraag mee op zijn kar springen, indien daar niet een paar kleinigheden waren die hij misschien niet weet, of toch in ieder geval niet ingecalculeerd heeft. Kijken we daar nu eens even een beetje aandachtiger naar.

 

Ik weet dat er – gelukkig –veel mensen zijn die uit islam landen naar Europa kwamen, zich geïntegreerd hebben en gewoon deel van onze maatschappij uitmaken. Dat zijn dan burgers zoals alle anderen. Zo gedragen ze zich, en zo moeten we ze ook behandelen.

Met één uitzondering: die mensen, bij voorbeeld Ayaan Hirsi Ali, zijn ‘ervaringsdeskundigen’. We zouden er goed aan doen heel aandachtig naar ze te luisteren als het over de islam en de ‘umma’ (de geloofsgemeenschap) gaat, in plaats van hoofdzakelijk aandacht te besteden aan lawaaierige “multikulti” gillende activisten.

 

Zijn dat dan geen gematigde moslims? Gematigd zijn ze zeker, maar zijn ze nog wel moslim? Want… het gaat hier zonder uitzondering over mensen die zich in meerdere of mindere mate van de islam afgekeerd hebben. Dat afkeren van de religie hoeft niet noodzakelijk zo smakeloos theatraal te gebeuren, als het bij ons gebruikelijk is. Voor onze ‘halbstarken’ was het een tijdje lang mode zich te laten ‘ontdopen’. De religie de rug toekeren op een dergelijke ceremoniële manier zou voor een moslim roekeloos gevaarlijk zijn; daarop komen we nog. Maar het is ook niet nodig: men kan ook op een veel serenere manier afstand nemen van geloofsinhouden waar men niet kan achter staan. Er is bijna geen katholiek te vinden die dat niet op de een of andere manier doet. Binnen de islam is dat echter onmogelijk, en dat maakt het grote verschil. Daardoor bestaan er geen ‘gematigde’ moslims! Ze zijn ofwel gematigd ofwel moslim, maar exclusief slechts één van de twee en nooit allebei tegelijkertijd.

 

De vraag is eigenlijk: kan een gelovige moslim tegelijkertijd een democraat zijn? En het antwoord is: nooit! Dat is natuurlijk een ‘sterke’ uitspraak, en ik kan me voorstellen dat ze voor de Vlaming van de 21ste eeuw niet gemakkelijk te begrijpen is. Laat ons dus eens een poging doen om dit een beetje uit te diepen. We kunnen deze problematiek misschien het best benaderen door te kijken naar de spiegeling van de gestelde vragen in ons eigen leven en denken.

Bent U democraat? U denkt van wel, maar ik geloof, zonder U ook maar in het minst te onderschatten, dat U evenmin als ik echt weet wat democratie is. Het begrip is veel te vaag, veel te breed en door overdadig misbruik ook overbelast en versleten. Maar ik geloof dat U, net als ik, wel echt probeert dat wat U onder democratie verstaat te omhelzen en te leven, met vallen en opstaan: zoals al het menselijke. Als we dat doen, denken en zeggen we dat we democraten zijn, en niet eens volledig ten onrechte.

 

Bent U katholiek? Dat is nog veel moeilijker, want er zijn verschillende invalshoeken:

-        Wat denkt U zelf?

-        Wat denkt de katholieke ‘geloofsgemeenschap?

-        Wat denkt de hiërarchie van de officiële katholieke kerk?

-        Wat zou U een halve eeuw geleden gedacht hebben?

Daar wil ik niet eens aan beginnen!

 

Maar U denkt mogelijk, zoals velen vandaag, nog wel dat U christen bent, en dat denk ik over mezelf ook. Waarschijnlijk denken wij dat ten onrechte, want het christendom is in de kern een zo radicale ideologie dat het voor sterfelijke mensen onmogelijk is ze werkelijk te volgen. Tot die conclusie kwam Augustinus al in de vierde eeuw, en daarom schreef hij zijn ‘Jus ad Bellum’. Oorlog en iedere andere vorm van geweld zijn inderdaad nooit met echt christendom te verenigen. Maar, zegt Augustinus, daar wij onvolmaakte mensen zijn en de echte regel niet kunnen volgen, moeten we proberen het tweede beste te doen, en slechts in heel bepaalde gevallen een oorlog beginnen. Het Christelijk Europa kon daar, mede dank zij een uitgesproken talent voor interpretatie goed (?) mee leven. Maar er zijn ook vandaag nog christenen, vooral Duitse Evangelische christenen, die Augustinus als ‘flauw compromis’ verwerpen en militant onvoorwaardelijk pacifisme eisen. Een voorbeeld is de Duitse Lutheraanse bisschop Margot Käßmann. Haar uitlatingen werken vaak verstorend radicaal. Maar ik weet dat ze vanuit het perspectief van Jezus Christus gewoon gelijk heeft. Ik weet echter ook dat haar houding in een hoge mate ‘onpraktisch’ is.

Wij kunnen over al die dingen een eigen individuele mening, zelfs eigen normen hebben, en toch geloven en zeggen dat we christenen zijn zonder op al te veel tegenspraak te stoten. Dat hebben we te danken aan een ontwikkeling die – bij ons – in de 15de eeuw begonnen is en zich vooral uitte in Reformatie, Renaissance en Verlichting.

 

Het was de Reformatie die ons de idee bracht dat religiositeit een volledig private zaak is. Iets tussen God en mij, met enkel God als rechter en enkel mijn geweten als ‘navigator’. Dat was volkomen nieuw in de cultuurgeschiedenis. De katholieken hebben nooit begrepen hoe dankbaar ze hun Schepper moeten zijn voor de Reformatie!

 

De Renaissance poneerde dat ook de ‘heidenen’ dingen wisten en konden die absoluut de moeite van het kennen, bewaren en navolgen waard waren. Dat was niet zo nieuw in de wereldgeschiedenis, maar voor de christenen wel. We moeten niet vergeten dat het in de derde eeuw Christelijke ‘monniken’ waren die de bibliotheek van Alexandrie, veel meer dan een bibliotheek: het wetenschappelijk centrum van die tijd, in brand gestoken hebben. Het ruiterstandbeeld van Marcus Aurelius op het Capitool in Rome is enkel aan de Christelijke beeldenstorm ontsnapt omdat iemand de fanatici wijsmaakte dat het om Constantijn, de Christelijke keizer ging! Anders was Marcus Aurelius ook tot deurklinken en scharnieren omgesmolten. Bij de scandaleuze vierde kruistocht, begin 13de eeuw vernietigden de Christelijke Byzantijnen de onvervangbare beelden van Phidias in hun kalkovens. Daaronder was de Zeus van Olympia, een van de wereldwonderen. Ze dachten dat de belegering van Constantinopel door de eveneens Christelijk kruisvaarders een straf van God was, omdat ze die afgodsbeelden binnen hun muren gehaald hadden. Zonder meer te vergelijken met Taliban en IS dus. De Renaissance maakte komaf met dit soort barbarij. Gelukkig!

 

De Verlichting bracht ons het belang van de rede als kennisbron en ook de mensenrechten, maar natuurlijk tegelijkertijd de Franse revolutie met haar eindeloze nasleep van afgronddiep onrecht en ellende: van een contradictie gesproken! In ieder geval begonnen we de rede te gebruiken om ook religieuze teksten te analyseren. De Bijbel exegese in haar moderne vorm ontstond. We kregen al gauw door dat we bij religieuze problemen met rede niet ver komen, en omgekeerd ook niet. Dus zegden we: “East is East and West is West, and never the twain shall meet”. We creëerden paralleldomeinen die elkaar niet in de weg lopen. Ook dat was tamelijk uniek in de cultuurgeschiedenis.

 

In het christendom was de notie van ‘scheiding van kerk en staat’ vanaf het begin ingebed. “Geef de keizer wat de keizer toekomt, en geef God wat God toekomt” zegde Jezus, en later: “Mijn rijk is niet van deze aarde”. Desondanks hebben kerk en staat bij ons tot vrij recent bitter gestreden om de suprematie. Vooral tussen de Duitse keizers en de pausen ging het er, vele eeuwen lang, zeer onchristelijk aan toe. Een van de onbestrijdbare verdiensten van de Franse revolutie was dat ze dat probleem definitief opgelost heeft. Het is belangrijk te noteren dat de islam nooit dergelijke ontwikkelingen heeft doorgemaakt. We zullen nog zien waarom dat niet kon en ook niet kan.

 

Onze postmoderne papenvreters, die heel graag het katholicisme met wortel en tak zouden uitroeien, beweren altijd dat, wat gruwelijke praktijken betreft, de Bijbel zonder meer met de Koran te vergelijken is. Dat is natuurlijk een van de trucjes van de kaderschool! En die werken ook, omdat iedereen wel wil meepraten, maar bijna niemand zijn huiswerk maakt. Als je Koran en Bijbel namelijk echt aandachtig leest – maar dat is natuurlijk een beetje arbeidsintensief voor deze werkschuwe tijd – krijg je een heel ander beeld.

 

Het Oud Testament is heel zeker met de Koran vergelijkbaar. Maar dat is het boek van de Joden. Het is natuurlijk niet gepast dat we ons daarvan zonder meer distantiëren. Alhoewel ze het niet graag zo zien: de christenen zijn als Joodse sekte begonnen, en hebben dus krampachtige pogingen gedaan om het Nieuw Testament in het kader van het oude te plaatsen. Het is ook zeker dat Jezus – na te lezen in het Nieuw Testament – vaak naar het Oud Testament verwees. Dat was het wat de mensen toen voor oriëntatie gebruikten, en Jezus was een ‘rabbi’, een theoloog die de Schrift op zijn duimpje kende. Maar bij herhaling heeft hij gezegd: “Er staat in de wet geschreven XXX, maar IK zeg U YYY”. Daarbij ging het in bijna alle gevallen om de omgang met geweld. Denk maar aan het voorbeeld met de ene en de andere wang in plaats van “oog om oog, tand om tand”.

 

Het is een feit dat er in het Nieuw Testament geen enkel voorbeeld te vinden is dat geweld rechtvaardigt of goedkeurt, laat staan oplegt! En het is het Nieuw Testament dat voor de christenen normatief is, het oude nemen ze mee als referentie. De Koran echter, die eveneens het Oude Testament als referentie gebruikt, schrijft in heelveel gevallen geweld, en zelfs extreem geweld, gewoon dwingend voor.

 

-        moslims moeten de wereld veroveren, desnoods ook met het zwaard, al is dat de tweede beste keuze: de ‘kleine’ Jihad.

-        Ongelovigen moet de kans geboden worden om zich te bekeren. Als ze dat twee keer weigeren moeten ze omgebracht worden. Denk nu niet dat het hier gaat om vage, betekenisloze herinneringen aan rituelen uit een ver verleden. Alvorens Osama Bin Laden in 2001 zijn vernietigende aanval op het WTC en het Pentagon startte heeft hij heel duidelijk twee maal het Amerikaanse volk opgeroepen om zich tot de islam te bekeren. Iedereen vond dat een beetje grappig, zelfs grotesk … Maar Bin Laden, een hoog opgeleide moderne ingenieur, vervulde gewoon de eisen van de Koran letterlijk. Pas dan sloeg hij toe.

-        moslims die van hun geloof afvallen (ridda plegen) moeten gedood worden.

-        Op ‘Godslastering’ staat de doodstraf, ook voor niet-moslims.

-        Op ‘overspel’ staat – voor de vrouw – steniging, ook als het bij dat ‘overspel’ in feite om verkrachting gaat. Dit voorbeeld is heel illustratief om het hemelsbreed verschil te zien. De Joden hadden die regel ook. Maar toen het in zijn aanwezigheid gebeurde zei Jezus: “Hij van U die zonder zonden is werpe de eerste steen”, en hij begon met zijn vinger in het zand te schrijven. De heethoofden dropen de een na de ander beschaamd af. En toen ze nog alleen overgebleven waren zegde hij tot de vrouw: “Ga heen, en zondig niet meer.”

Ik kan die lijst nog lang voortzetten, maar ik denk dat het volstaat.

 

Betekent dit nu dat de Koran een verwerpelijk bloeddorstig boek is? Absoluut niet! Eerstens staan er ook verheffende, waardevolle dingen in. En verder: voor de situatie waarin hij werd verkondigd, op het Arabisch schiereiland begin zevende eeuw, was de Koran – gruwelijke brutaliteit en al –  het recept om enige orde door te zetten en het ondraaglijk moorden te stoppen. Daarmee had Muhammed een eclatant maar kortstondig succes.

 

Maar er is niet enkel de Koran, er is ook nog de Haddith. De Haddith is vele malen omvangrijker dan de Koran. Het is een verzameling van ontelbare verhalen over het leven en werken van Muhammed die, net als de Koran zelf, eerst al eens generaties mondeling overleverd, en dan – vaak eeuwen later – opgeschreven werden. Hoewel de Koran grosso modo (maar niet volledig) door alle moslims in één zelfde versie wordt gebruikt, zijn er grote verschillen bij de Haddith. Begrijpelijk was er in de vroege islam heftige discussie over de vraag welke van die verhalen nu authentiek waren. De graad van acribie waarmee die verificatie doorgevoerd werd varieerde zeer sterk over verschillende streken en gemeenschappen. Die leidde tot zeer diverse Haddith verzamelingen in de verschillende sekten en zelfs binnen één sekte regionaal.

De islam heeft geen reformatie gekend, maar natuurlijk wel schisma. Er zijn niet enkel de twee grote groepen sunni en shia, maar ontelbare sekten, die elkaar bij gelegenheid con gusto uitmoorden. Dat was vroeger bij de christenen ook niet anders, met Katharen (Albigenzische Kruistochten) en nog vroeger Arianen. Ook protestanten en katholieken hebben elkaar niet zo heel lang geleden nog enthousiast omgebracht, maar de moslims doen dat vandaag nog altijd.

Bij de christenen is dat ondertussen geciviliseerder geworden. Dat kwam door de grote ‘transformaties’ die ik hoger vermeld heb en die de islam dus nooit gekend heeft. Maar dat is niet alles.

 

Vanaf het begin werd er ook bij de islam aan Koran studie en interpretatie gedaan. Ze noemden dat ‘Itjihad’: het vinden van de waarheid door discussie en debat. Dat is natuurlijk essentieel, omdat het de mogelijkheid biedt de oude schriften in een totaal veranderde context te plaatsen en te interpreteren. Daar waren heel hoopgevende aanzetten bij. Bij voorbeeld Averroes, de Andalusische geleerde uit de 12de eeuw paste de logica van Aristoteles op de islam toe. Maar dat leidde natuurlijk tot heftige controversen. Die kon de islam net in de 12de eeuw missen als kiespijn, want ze stonden toen door de kruistochten onder druk. Dus kwam in die 12de eeuw de ulema (de raad der geleerden) tot een fatale beslissing. Mohammed was de perfecte mens en de Koran het perfecte boek. Alles wat daarover gezegd en gedacht moest worden wás al gezegd en gedacht. Dus werd iedere verdere poging tot analyse en interpretatie, ieder nieuw onderzoek verboden. Enkel referenties naar vroegere studies mochten nog gemaakt worden. Er werd gedecreteerd: “De poort van de Itjihad (discussie) is gesloten".

 

Daar de Sharia (de islamitische wet) streng wordt afgeleid van Koran en Haddith, zitten we dus nu met een wet die niet enkel in de taal van de 12de eeuw geschreven is, maar ook vanuit concepten en waarden van die 12de eeuw. Ook bij ons was een mensenleven toen bijzonder weinig waard, maar daarin is ondertussen gelukkig verandering gekomen. Bij de islam dus niet. En er kan geen moderne wet gemaakt worden, omdat diezelfde onveranderbare documenten heel precies ook de organisatie en de functie van de staat en de religieuze leiding, inclusief de wetgeving, bepalen. Alles is geblokkeerd, eigenlijk ingevroren in de toestand van de 12de eeuw. Niets kan nog bewegen of veranderen. Bovendien wordt men, door ook maar één detail in vraag te stellen automatisch een afvallige. Hier kan gewoon geen reformatie meer ontstaan.

 

‘Verlichte’ maar loyale moslims, zoals el-Sisi (maar dat is voor onze krijsende activisten ook maar een dictator die ze liefst weg zouden bombarderen) zien natuurlijk hoe gevaarlijk dat is. Daarom heeft el-Sisi op 1 januari 2015 een passionele rede gehouden voor de ‘ulema’ van de – in de moslim wereld zeer gezaghebbende – El-Azhar universiteit in Cairo. Hij zegde daarin dat het ‘een onmogelijke’ toestand is dat de rest van de wereld angst heeft voor de islam. Hij zegde ook waaraan dat volgens hem ligt. “Het zijn onze principes, principes die in de moderne wereld niet passen. Maar ze liggen ons zo nauw aan het hart dat we ze niet kunnen veranderen”. Hij refereert daarbij naar de ‘Poort van de Itjihad”, en richt dan zijn dramatische oproep aan de geleerden: “Ik smeek U, open deze poort, want anders zal onze ‘umma’ (gemeenschap der gelovigen) ten onder gaan door onze eigen schuld. Open deze poort! God zal U, op de jongste dag, oordelen op uw verantwoordelijkheid die uit mijn woorden blijkt.”

 

Ik heb het filmpje van die redevoering aandachtig bekeken. De camera zwaaide ook eens terug naar het publiek. De verveelde, ongeïnteresseerde gezichten spraken boekdelen. Het beleefd dun applausje loog er ook niet om. Eigenlijk was die lethargie nog een tegemoetkomende reactie: door zijn beweringen is el-Sisi immers technisch een afvallige. Van die club moet de Egyptische president geen hulp verwachten, en wij ook niet!

 

Over de interpretatie van de Koran inzake organisatie van de staat is er meningsverschil tussen sunni en shia. Het schisma is zelfs om die reden tot stand gekomen. Iran (shia) houdt aan de oorspronkelijk versie vast. Er kan en mag niet de minste scheiding van religie en staat zijn. De staatsleider moet ook de religieuze leider zijn, en bovendien van de profeet afstammen. In Saudi-Arabië (sunni), zien ze dat een beetje flexibeler. Daar kan, onder bepaalde omstandigheden, een burgerlijk gezag als tijdelijke oplossing geaccepteerd worden. Maar de ‘ulema’ heeft ook daar wat betreft wetgeving en gerechten een heel dikke vinger in de pap. Wat maakt dat koning Salman goed moet uitkijken waar hij trapt.

 

Er zijn op de wereld ongeveer 1,7 miljard moslims. Meer dan 70% daarvan meent dat de ‘sharia’ voorrang heeft op iedere burgerlijke wet; altijd en overal. Iets minder denkt dat voor godslastering de doodstraf moet blijven gelden. Meer dan de helft denkt dat een afvallige inderdaad gedood moet worden. Dát is de kern van de realiteit, en niet de eierdans van de een of andere erudiete, half verwesterde moslim intellectueel die krampachtig de kwadratuur van de cirkel probeert voor te schotelen aan een bewonderend auditorium van postmoderne ‘denkers’.

 

Fatwa

 

Hier zien we een voorbeeld van een Fatwa (oordeel). Het gebeurt – verstaanbaar – uiterst zelden dat we zo een document in handen krijgen. Dit betreft een procedure uit 1978 die verhandeld werd bij de ‘Hoge raad voor islamische aangelegenheden’ aan de Al-Azhar universiteit in Caïro. Hier de vertaling:

In Naam van Allah, de Barmhartige en de Genadige. Al-Azhr Fatawa Raad. Deze vraag werd gesteld door de heer Ahmed Darwish op voordracht van [naam onkenbaar gemaakt; uitgewist] die de Duitse nationaliteit heeft. Een man van Egyptische nationaliteit wiens godsdienst de islam was huwde een Duitse christen en het paar kwam overeen dat de echtgenoot het Christelijk geloof en doctrine zou bijtreden.

  1. Wat zeggen de islamitische wetsregels over deze man? Welke straf is voor deze daad voorgeschreven?
  2. Worden zijn kinderen beschouwd als moslims of als christenen?

Antwoord:Alle lof aan Allah, de Heer van het Universum en groeten aan de leider van de rechtvaardigen, Muhammed, zijn familie en al zijn gezellen.

Vervolgens: Deze man beging apostasie. Hij moet de kans krijgen om tot inkeer te komen. Indien hij dat niet doet moet hij volgens de Shariah gedood worden. Wat de kinderen betreft. Zolang ze kind zijn worden ze als moslim beschouwd, maar na het bereiken van de puberteit: indien ze bij de islam blijven zijn ze moslim, maar als ze de islam verlaten en niet tot inkeer komen moeten ze gedood worden en Allah weet wat juist en goed is.

Zegel van Al-Azhr hoofd van de Fatwa Raad van Al-Azhr. Abdullah al-Mischadd. Datum

Over de uitvoering van het vonnis wordt niets gezegd: dat is de opdracht van iedere rechtgeaarde moslim die de mogelijkheid daartoe ziet.

Uit de ‘umma’ gezet worden of er vrijwillig afscheid van nemen is hetzelfde als in de middeleeuwen hier geëxcommuniceerd worden. Je verliest niet alleen je burgerrechten: je bent ook vogelvrij. Natuurlijk wordt de soep niet altijd zo heet gegeten als ze opgediend wordt. Maar er zijn op de wereld voldoende warhoofden die bereid en in staat zijn dat vonnis op ieder moment uit te voeren.

 

De ‘fatwa’ (oordeel) die Salman Rushdie ter dood veroordeelde is nog onlangs in Iran door de rechtbank herbevestigd. Dat gebeurde, ironisch genoeg, kort nadat Iran, met luide fanfares, “terug in de gemeenschap van beschaafde naties” opgenomen was.

 

Democratie is volgens de sharia verboden omdat ze niet strookt met de door de Koran voorgeschreven regeringsvorm. Iemand die zich tot democratie bekent kan dus geen moslim zijn. Als hij voordien moslim was, is hij nu een afvallige en verdient bij gevolg de dood.

Nu is het U misschien ook duidelijk waarom een ‘democratische moslim’ niet kan bestaan.

 

Het is dat soort denken dat echt in de weg van integratie staat en tot gettovorming en illegale subculturen, tot en met kleine en zware criminaliteit, tot en met terrorisme leidt. Niet het zogenaamd racisme van de Vlamingen, en ook niet het gebrek aan kansen. Insiders zoals El-Sisi en Ayaan Hirsi Ali zijn er zich pijnlijk van bewust dat dit denken tot de basis attitudes van de moslimgemeenschap behoort. Onze elite echter wuift de feiten met een flets hooghartig glimlachje weg.

We verwachten dus nogal wat als we eisen dat “migranten zich tot de democratie bekennen”. Misschien heeft ook de heer Bourgeois niet helemaal doordacht wat het voor onze moslim medeburgers zou betekenen als ze hem en ons bij een ‘verwestering van de islam’ actief moesten helpen. Vast veel meer risico dan we zelf ooit bereid zouden zijn te nemen.

 

Ons grootste probleem is ons onvoorstelbaar Eurocentrisch denken. Wij gaan er, met een verbluffende vanzelfsprekendheid, vanuit dat mensen uit andere culturen net zoals wij in elkaar zitten. Dat ze dezelfde waarden, dezelfde angsten en dezelfde verlangens hebben. Niets is minder waar. In Syrië bij voorbeeld, wil geen mens democratie, nog afgezien van het feit dat ze daar ook niet weten wat dat precies is. Daarom trappen wij van de ene sloot in de andere: bijna alles wat we in dit verband denken, zeggen en doen is gebaseerd op fataal foute aannamen en moet daardoor, gedwongen, tot vreselijke miskleunen leiden, bij ons hier thuis even onafwendbaar als in Syrië.

 

Maar de islam, met al zijn logische zwakheden, is natuurlijk een oneindig veel krachtigere, vitalere ideologie dan het zorgvuldig gelaïciseerd maar anemisch maatschappij model  van diegenen die zich als onze postmoderne intellectuele elite uitgeven. Bij een confrontatie van die twee werelden staat het resultaat bij voorbaat vast. Onze samenleving is overigens al veel verder geïslamiseerd dan we kunnen of willen zien. Het recent initiatief van het katholiek onderwijs is daarvan slecht één duidelijk teken. Ook die islamisering verloopt precies volgens een schema dat in de Koran is vastgelegd. Er zijn drie fasen waarbij de moslims steeds assertiever gaan optreden om stukje bij beetje in de hele maatschappij moslim regels en waarden af te dwingen. Vandaag is het proces in de tweede fase. Daarom passen ze zich niet aan en maken ze zo veel misbaar over hoofddoeken, halal voedsel, de kleding van de autochtonen, rituele slachting etc. Ze doen dat niet omdat ze ‘moeilijke mensen’ zouden zijn maar simpel omdat de Koran het zo voorschrijft in het kader van de veroveringsstrategie. Ze willen ons daarmee ook absoluut geen kwaad doen, maar helemaal integendeel ons helpen, zelfs ‘redden’, door ons – in onze, ook voor mij overduidelijke, spirituele nood – het ‘Rijk Gods’ te brengen. Indien we dat niet willen is het enkel omdat wij het (nog) niet begrijpen. De Vlamingen werken echter wel uitzonderlijk bereidwillig mee.

 

Nu ligt natuurlijk de vraag voor de hand waarom wij dat allemaal niet zien en weten, hoewel het zich duidelijk en onder onze ogen afspeelt. Heeft dan niemand ‘Soumission’ van Michel Houellebecqgelezen? Op die vragen zullen we in een volgende bijdrage ingaan.

 

Ondertussen zou het misschien niet verkeerd zijn als iemand deze feiten en samenhangen eens zorgvuldig aan mijnheer Bourgeois uitlegde. Ik meen namelijk dat die, in tegenstelling tot veel van zijn collega’s en commentatoren, zijn kritische geest nog niet verloren heeft, en dus nog voor informatie zou kunnen open staan.

 

Uw dwarsligger.