politieke strekkingenZou er ooit een tijd bestaan hebben waar er zo veel specialisten communicatie bestonden als nu het geval is? Zouden gewone mensen niet meer in staat zijn om een positieve discussie te voeren zonder deze specialisten?

 

Kahan

Wetenschappelijke kennis

Lang, heel lang geleden, toen de dieren nog spraken en de mensen nog verstand hadden, wisten we wat dat was, communicatie. We hadden het over ‘gedachtewisseling’. Dat was een heel ambitieus project. Als we er op de een of andere manier in zouden slagen om uw gedachten in mijn hoofd binnen te smokkelen en omgekeerd hebben we allebei een veel ruimer veld om te bewerken. Misschien kan daar dan wel iets nieuws op groeien.

Over dergelijke dingen was ook tijdens de antieke al nagedacht. Dat was in vergetelheid geraakt en werd pas bij de verlichting herontdekt. Tussenin hield men zich met zulke moeilijke dingen niet bezig. Als er in uw hoofd iets anders zat dan in het mijne, dan was uw hoofd ziek en de remedie was amputatie. Na een vrij korte periode waar geciviliseerde manieren en een zekere mate aan discussiediscipline mode waren, zijn we vandaag eigenlijk weer bij “AF” beland (en ik bedoel hier het hoofd). We nemen dat nog niet helemaal terug letterlijk, maar wacht nog maar enkele jaren…

Het aantal problemen waarover geen productieve discussie meer kan gevoerd worden is niet alleen hoog maar stijgt ook nog alarmerend. Minderheden, migratie, misdaadbestrijding, klimaat, sociale zekerheid en recent zelfs: Sinterklaas en Zwarte Piet.

Hoe is dat mogelijk? Prof. Dan Kahan van de universiteit Yale heeft zich die vraag ook gesteld. Hij heeft als onderwerp van zijn onderzoek een van de meest brisante controversen van de huidige tijd gekozen: het klimaatdebat. Hij is jurist en heeft veel ervaring met strafrecht en bewijsvoering. Tegenwoordig werkt hij aan wetenschapscommunicatie. Veel van de volgende gedachten komen van hem. Zeer aanbevolen; zijn Lezing.
Hij stelde de vraag: “Hoe sterk denkt U dat de opwarming van de aarde onze gezondheid en onze welvaart bedreigt?”. Het antwoord is dat wat wij ‘bezorgdheid’ zullen noemen. Hij kwam tot sterk uiteen liggende antwoorden en vroeg zich af waarom.
Zijn eerste hypothese was dat het ligt aan de grote verschillen in wetenschappelijke opleiding. Hij verwachtte eigenlijk een duidelijke correlatie: hoe beter geschoold hoe meer bezorgd (blauwe stippellijn) . Maar dat bleek niet te kloppen! Eerder een beetje het omgekeerde. De correlatie was, hoewel statistisch significant, zwak negatief. Dus hoe beter opgeleid de mensen waren, des te minder zorgen maakten ze zich (rode stippellijn).

wetenschappelijke  kennis

Dan dacht Kahan: “Ja, maar wat noemen wij tegenwoordig allemaal wetenschap?”. En dat denk ik soms ook. Hij richtte zich dan op ‘numerische vaardigheden’, of de bekwaamheid om kwantitatief over problemen na te denken. Daarbij belandde hij meer bij de fysici, ingenieurs etc. Maar: zelfde resultaat.

Dat was het dus niet.

Levensbeschouwing


Dan ging hij kijken naar de levensbeschouwing, de politieke en maatschappelijke positionering van mensen. We kunnen dat doen met behulp van twee assen die samen een vrij goed beeld van mogelijke maatschappelijke positionering en structuren geven:


Individualisme <  >    Collectivisme
Hierarchisch    <  >    Egalitair       

 

Kijken we naar een paar voorbeelden.

politieke overtuiging  
Socialistische / communistische experimenten beginnen altijd rechts onder. Maar zodra ze voet vatten bewegen ze zeer snel naar boven en worden bijna dekkend met fascisme.
Als we nu de bezorgdheid over de klimaatverandering bekijken in functie van de positionering op de as individualistisch – collectivistisch zien we een sterke én statistisch significante correlatie. Hier schijnen we een leefbare hypothese te hebben.

bezorgdheid

 
We kunnen deze hypothese testen aan de hand van de Amerikaanse politieke partijen: Republikeinen en Demokraten. Ook dat schijnt aardig te kloppen.

Tot hier de gedachtegangen van Prof. Kahan.

 

De verhitte discussie van de opwarmnig van de aarde

Maar bij dat laatste voorbeeld blijkt ook al weer de duivelse complexiteit van de problematiek

global warning
Want op de vraag: “Is global warming evidence solid” ofte “Zijn de bewijzen voor globale opwarming hard?” zou ook ik volmondig “Ja” antwoorden, zoals iedereen die mij ooit over dit probleem hoorde spreken, dacht ik, luid en duidelijk gehoord heeft. Desondanks zullen de klimaatalarmisten me eenduidig en zonder enige twijfel als ‘klimaatloochenaar’ classificeren, omdat ik weiger te zeggen dan de mens de hoofdoorzaak voor de opwarming is, omdat ik weiger de opwarming a priori als een ramp te beschouwen, omdat ik weiger hun modellen ernstig te nemen en hun regelrecht bedrog met data aanklaag, en vooral omdat ik insisteer op een minimum aan wetenschappelijke hygiëne. Maar ook de andere zijde zal mij niet in haar rangen willen opnemen, omdat ik het hoogst onverstandig vind ongeremd fossiele brandstoffen op te stoken en vooral omdat ik erken dat ook aan de kant van de sceptici enigen ‘gemanipuleerd’ hebben, zij het dan ook op een duidelijk kleinere schaal en op een nog min of meer verantwoordbare wijze.
 
Klimaatloochenaar is tegenwoordig in ‘progressieve’ kringen maar een beetje minder erg dan racist! Maar in de enquête van Prof. Kahan word ik bij de alarmisten geteld! U ziet hier nu hoe moeilijk het is de juiste vraag te formuleren om een significant antwoord te kunnen bekomen. Maar dat kon de jurist Kahan natuurlijk – in dit geval – niet weten. Daarvoor is enig inzicht in de wetenschappelijke kant van de zaak nodig.

 opinies

 

Als we de mensen dat toch partout in schuifjes moeten steken, zou het dus veel beter zijn met deze tabel te werken: er zijn namelijk drie categorien. Ik behoor duidelijk bij de middelste.
Wat eigenlijk een puur wetenschappelijke vraag zou moeten zijn speelt zich natuurlijk niet af in een vacuüm, maar in de context van de maatschappelijke en politieke wereld. De sociaal politieke wereld heeft de akelige gewoonte alles waarmee ze in aanraking komt op te slokken en tot een sociaal-politiek probleem te maken. Zo ook hier. Bovendien is die politiek-sociale sfeer doorlopend in beweging maar gedurende de laatste halve eeuw is er toch bijzonder veel ‘verschoven’. Bekijken we dat even in ons schema.

politieke strekkingen

 

Zowel de pers als de zogenaamde elite zijn sterk naar de collectivistische kant gemuteerd, en liggen nu vrijwel in dekking met de politiek-sociale positie van de klimaatalarmisten
Dat heeft natuurlijk consequenties die we iedere dag in de pers zien en ook in de activiteiten van de overheid terugvinden.
Hoe staan de kampen nu tegenover elkaar?
 
De alarmist maakt geen onderscheid tussen loochenaar en scepticus. Hij noemt ook de scepticus loochenaar want de verschillen tussen die twee zijn voor hem minuscuul, zelfs onbeduidend. Wie niet voor ons is, is tegen ons! Hij merkt daarbij niet dat hij in een digitale denkwijze vervalt die typisch is voor het fascisme, ook dan als het zich soms socialisme noemt. Dat is heel verstaanbaar vanuit zijn positionering. Aan de collectivistische kant is meer cohesie. Daar worden gemakkelijker homogene blokken gevormd die geen afwijking dulden, en zeer sterk het “wij tegen zij” gevoel koesteren.
 
Voor de scepticus is dat iets ingewikkelder maar het komt uiteindelijk op hetzelfde neer. Voor hem is er – in de logica van de redenering – heel weinig verschil tussen de alarmist en de loochenaar. Ze beweren allebei straffe dingen zonder een spatje bewijs. De loochenaar is misschien een tikkeltje onredelijker, want voor klimaat verandering zijn er inderdaad bewijzen te hoop. De loochenaar heeft dan weer het voordeel dat hij tenminste niets wil doen en dat is, bij de gegeven stand van ons weten, veel minder gevaarlijker dat het wild activisme waar de alarmist voor pleit. Dus als de scepticus gedwongen wordt zich met een van de twee te associëren zal hij duidelijk voor de loochenaar kiezen, als weg van het minste kwaad.
 
Dus ondanks mijn meer gedifferentieerde tabel zijn er toch twee kampen, noemen we ze voor het gemak scepticus en alarmist.

Hoe zien die elkaar?

Hoe ziet de scepticus de alarmist?

Eigenlijk is hij een gevaarlijke gek! Hij wil heel onze manier van leven ontwrichten, triljoenen uitgeven, onze industrie verwoesten en ja, ook onze liberale vrijheden en onze keuzemogelijkheden wil hij inperken. Hij is bereid collega’s die zijn standpunten niet onverdund delen monddood te maken, te boycotten, ze zelfs uit hun job te verdrijven. En dat allemaal omwille van iets dat hij gelooft, niet eens echt zeker weet en vast niet kan bewijzen. Hij weet heel goed dat zijn voorstellingen enkel onder een dictatoriale wereldheerschappij realiseerbaar zijn, en wil ons die, ‘en passant’, ook door onze strot rammen! Maar daarenboven is hij ook een crimineel. Hij schrikt er niet voor terug gegevens te vervalsen als vervangmiddel voor zijn ontbrekende bewijzen. Hij verdient hopen geld aan een snel expanderende klimaatindustrie, die zonder enige uitzondering alleen door subsidies, dus ons geld, boven water kan blijven.  

Dat is niet erg vlijend. Maar de scepticus heeft wel redenen voor zijn verbittering als… zijn premisse klopt en het verhaal van de alarmist inderdaad niet bewijsbaar is.

 
Hoe ziet de Alarmist de scepticus?

Eigenlijk is hij een gevaarlijke gek! Niet enkel de mensheid maar het leven op aarde tout court wordt bedreigd door een verschrikkelijke catastrofe. Hij ontkent dat er een probleem is, of toch minstens dat het door de mens wordt veroorzaakt. Daardoor vertraagt en saboteert hij onze oplossingen die het tij nog zouden kunnen doen keren. Eigenlijk is hij een crimineel. We zouden hem voor een rechtbank moeten slepen wegens misdaden tegen de mensheid en opsluiten. Hij laadt immers de verantwoordelijkheid voor de ondergang van de mensheid op zich, in koelen bloede en uit puur winstbejag. Want uiteindelijk gaat het er hem enkel om de industrie gewoon verder te laten draaien en daaraan te verdienen. Nogal logisch dat er voor dergelijke mensen geen plaats is aan onze universiteiten of in onze media. We kunnen ze ook bezwaarlijk “wetenschappers” noemen. Om onze positie te ondermijnen beschuldigt hij ons van geknoei met data. Maar wat zijn nu een paar cijfertjes vergeleken bij de ramp die op ons toerolt? We hebben geen tijd meer voor dat soort discussie: ‘the science is settled”, het is vijf na twaalf! 
Ook dat is een vernietigend oordeel, en ook dat zou gerechtvaardigd kunnen zijn indien… de premissen kloppen; indien de ‘ramp’ inderdaad imminent en door de mens veroorzaakt is.
 
Het gaat dus eigenlijk over die premissen; over de wetenschappelijke realiteit. Maar daarover wordt merkwaardig weinig gedebatteerd. Dat ligt er ook een beetje aan dat de alarmisten met hun “the science is settled” iedere poging tot rationele discussie neer brullen.
 
Simuleren we hier eens iets dat we nog niet zo gauw gaan zien: een eerlijk open debat tussen een Scepticus (S) en een Alarmist (A).
S      : Jullie hebben geen schijntje bewijs voor menselijke betrokkenheid.
A      : De afwezigheid van een bewijs is nog geen bewijs voor
           afwezigheid.
S      : Goed, maar dan mag je niet zeggen: “the science is settled”.
A      : Maar we hebben hopen indicaties.
S      : Indicaties zijn geen bewijs.
A      : We kunnen niet op bewijzen wachten: het gevaar is te groot.
S      : Het gevaar is enkel te groot in jullie modellen, en die zijn
          – bewezen – fout.
A      : Wil je dan het risico nemen te wachten tot de catastrofe toeslaat?
S      : Maar jullie remedie IS de catastrofe, en als we je laten doen slaat
           die direct toe.
A      : Hoezo catastrofe? De mensheid heeft sowieso behoefte aan meer
           rechtvaardigheid, dus gelijkheid en gecontroleerde herverdeling
           van de welvaart.
S      : Dat denken jullie, maar daarover verschillen de meningen.


U ziet het: we geraken nergens. De reden is dat hier niet twee wetenschappelijke opinies op elkaar botsen maar twee levensbeschouwingen.
Het is hopeloos! Hoe kan ik daarbij nu zo koel en afstandelijk blijven?
 
Wel, ik weet en kan iets meer dan de gemiddelde hedendaagse mens. Wat dat dan wel zou zijn? Ik weet wat ik niet weet, en ook dat ik heel weinig weet en nooit veel meer zal kunnen weten. En ik kan dat aanvaarden zonder daarbij ongelukkig te worden. Ik kan met mijn relatieve onbeduidendheid leven.

Mijn vader zou me uitgelachen hebben: “Wat? En dat zou iets bijzonders moeten zijn? Dat is toch maar de normaalste zaak van de wereld!” Natuurlijk zou hij overschot van gelijk hebben, maar tegenwoordig zou je beginnen twijfelen.
Het is wel een tamelijk veilige aanname dat niemand van ons het verstand van Albert Einstein heeft. Die zegde: 

“Er zijn maar twee dingen oneindig: het universum en de menselijke domheid. En van het eerste ben ik niet helemaal zeker.”

Amen.
 

Nawoord: Het ontbreken van een wetenschappelijk debat over het klimaat heeft  gevolgen. Politieke voorstellen zoals deze om in 2030 over te stappen op elektrische voertuigen zijn niet alleen duur, ze zijn onhaalbaar. Met een zweem van ironie geschreven:

De Simpele Duif op het CD&V Congres

Pjotr's dwarsligger

 

Bewaren