F 35 vrt IR F 35Dit artikel werd gepubliceerd op VRTNWS.  Nu de regering wil beslissen over de aankoop van de F-35A als plaatsvervanger voor de F-16-vloot past het om de belangrijkste oorzaken op te lijsten die geleid hebben tot deze keuze en waarom we dat, nu het nog kan, beter niet zouden doen. De oorzaak ligt zowel bij de politieke tekortkomingen als bij de corporatistische houding van de luchtmachttop.

 

 

 

De politieke tekortkomingen

 

Check & Balances

Sinds Donald Trump president is van de VS hopen we dat het systeem van ‘checks & balances’ zou kunnen verhinderen dat de president onverantwoorde beslissingen zou treffen. Dit dossier toont echter aan dat we beter ook voor eigen deur zouden vegen, want uit dit dossier over de vervanging van de F-16 blijkt opnieuw dat de Belgische parlementaire democratie faalt in deze cruciale opdracht.

De belangrijkste politieke vraag in dit dossier waarover nooit gedebatteerd werd, is immers welke defensie willen we, een offensieve of een defensieve?

Op wandel in de polders ontmoette ik een bekend rechts politicus. Het duurde niet lang voor hij opwierp dat defensie een hoger budget nodig had, namelijk 2 % van het BBP. Daar ging ik mee akkoord, maar ik voegde eraan toe dat die 2% moet gelezen worden als een politiek signaal en niet als een norm waaraan elk land op dezelfde manier moet voldoen. Op mijn beurt en stelde ik hem één vraag: ‘Vond hij dat we een offensieve of defensieve krijgsmacht nodig hadden? Na een korte aarzeling klonk het duidelijk: een defensief leger. Dat hij als rechtse politicus kiest voor een defensieve defensie, betekent de facto (voor wie vertrouwd is met de militair-technische elementen) dat hij tégen de keuze voor de F-35A is. Het geeft bovendien aan dat in het parlement niet enkel de oppositie dezelfde keuze zou maken maar ook heel wat ‘volksvertegenwoordigers’ van de meerderheid. Alleen, en dat is de voornaamste oorzaak van het falen, telt het parlement geen ‘volksvertegenwoordigers’ meer maar enkel nog  ‘partijvertegenwoordigers’ die geacht worden om de partijkeuze te bevestigen.

Een tweede oorzaak van het falen ligt in de schrikwekkende onwetendheid van de partijen en hun mandatarissen. Kan u zich voorstellen dat de rijkste partij – N-VA – die in dit dossier alle sleutelposities bezet niet één defensiespecialist heeft in zijn studiediensten. Geen wonder dat de belangrijkste politieke spelers onbekwaam waren om een dergelijk complex dossier te kunnen doorgronden. Ze varen op het kompas van de militairen die in dit geval om meerdere redenen kozen voor een samenwerking met de VS en dus voor de F-35A. Door die onwetendheid konden de regeringsleden en de partijvertegenwoordigers van de meerderheid en van de oppositie hun rol als waakhond niet vervullen. Vermits ze nooit de hierboven vraag gesteld hebben over defensief of offensief, konden (of wilden) ze niet ontdekken dat in dit dossier de luchtmacht doelbewust de F-35A bevoordeelde zoals heel duidelijk blijkt uit het onderzoek dat Knack-journalist Stavros Kelepouris voerde. Wij kwamen trouwens vroeger ook al tot deze conclusie op basis van de lezing van het lastenboek. Dat de Chef Staf Defensie als hoogste militair daarbij foute informatie verspreidde zoals zijn onderzoek uitwees is voor de geloofwaardigheid van defensie een zeer kwalijke zaak. Dat defensieminister Vandeput zijn toezeggingen (over de opdrachten) aan NAVO niet vooraf liet goedkeuren door het parlement, is even verontrustend.   

Een derde oorzaak waarom dit dossier kon uitmonden in een ware vaudeville is het ontbreken van voldoende belangstelling voor Defensie bij de bevolking en de media. Dit dossier vertoont heel wat gelijkenissen met het Oosterweel-dossier. Ook daar werd op een paternalistische manier beslist dat er een monumentale brug moest komen, een ‘landmark’. Dat daardoor verschillende andere oplossingen uitgesloten werden kon de hoge heren niet afbrengen van hun beslissing. Gelukkig kwam er verzet dat gesteund werd door de media die hier hun rol van waakhond wel ter harte namen. Mocht dat ook het geval geweest zijn voor het dossier van de gevechtsvliegtuigen dan had men deze vaudeville kunnen voorkomen en had Bart De Wever ook in dit dossier een stap kunnen terugzetten in plaats van hardnekkig vast te houden aan een keuze waarvan hij niet eens kan weten wat ze inhoudt en hoeveel die zal kosten.

De media waren niet geïnteresseerd in technisch onderbouwde kritische bijdragen omdat de complexiteit te moeilijk lag voor hun lezers. Men beperkte zich al te gemakkelijk tot de overheidsinformatie zonder zelf te weten of die wel klopte. Dat de gevestigde macht poogde om kritische stemmen verdacht te maken (en zelfs dreigde met gerechtelijke stappen) is veelbetekenend.

Deze onwetendheid bij de bevolking en de media speelde een nefaste rol. De bijdragen die over dit dossier verschenen waren soms van een onvoorstelbaar laag niveau. Alleen de academische titel van de auteur voldeed aan de norm. De versimpeling zorgde ervoor dat iedereen dacht de juiste toedracht te kennen en voor elke mening waren er wel  gelijkgezinden die akkoord waren. Niemand die zich nog afvroeg of de informatie juist was. 

Een vierde oorzaak moeten we zoeken in het feit dat elke beslissing getoetst wordt aan zijn het electoraal belang. Het klinkt bizar maar voor politieke partijen is de keuze voor een ministerpost een electorale aangelegenheid. En vermits de meeste militairen in Limburg wonen, was de keuze voor een Limburger als defensieminister een goede electorale keuze. Zijn verkiezing als burgemeester van Hasselt mag dan ook gezien worden als de juiste keuze van strateeg Bart De Wever, die weet dat de bevolking en de media niet struikelen over dergelijke moeilijke dossiers. Maar wanneer een minister voortijdig zijn functie opgeeft om burgemeester te worden, lijkt dat voor militairen wel op een vaandelvlucht.

 

Het militaire corporatisme en favoritisme overheersten dit dossier

 

De hele discussie over de nood aan gevechtsvliegtuigen en welke rol ze moeten kunnen vervullen, moet men zien in de evolutie waarbij de VS wel hun offensieve strategie wilden behouden, maar de confrontatie met talrijke bodybags politiek als te gevoelig ervaren. De operaties moesten vanop een veilige afstand kunnen uitgevoerd worden. Zo werd de luchtmacht met zijn afstandswapens en ‘onoverwinnelijke’ want ‘onzichtbare’ vliegtuigen het paradepaardje van hun strategie. Dat geen enkele van deze operaties ook succes – lees vrede – maar vooral frustraties en enorme verwoestingen opleverde, was geen aandachtspunt.

Waar men aan voorbijgaat in deze strategische visie is dat mensen leven op de grond, niet in de lucht of op zee en dat het in deze menselijke biotoop is dat een oorlog uiteindelijk beslecht wordt. Wat in Libië, Afghanistan, Irak en tot op vandaag in Syrië gebeurt, bewijst dat een stad in puin schieten kinderspel is maar mensen een veilige plek geven enkel kan door grondtroepen. 

Wat mij bijbleef uit de talrijke commentaren die ik las over de F-35 was de commentaar van een Amerikaanse generaal die in extase verklaarde dat hij de F-35 fantastisch vond omdat het net hetzelfde was als vechten tegen iemand die de handen op de rug gebonden had. Dan kan ik mij inderdaad voorstellen hoe gemakkelijk men een oorlog kan winnen, maar tegelijk ook welke frustraties ervoor zullen zorgen dat deze overwinning alleen maar een pyrrusoverwinning, zonder vrede, kan zijn. Als dat de taak niet is van de militairen, dan toch wel van de politici die daaraan moeten denken wanneer ze dergelijk ‘speelgoed’ ter beschikking stellen van militairen die elk ethisch besef lijken verloren te hebben!

Een eerste politiek-militaire reden is dat de aankoop van de F-35A onze soevereiniteit inperkt. De IT-uitvoering van het toestel bepaalt dat wij voor iedere operatie de steun of toch minstens de toelating van Lockheed Martin (LM) en/of de USAF nodig hebben. Ook nog te ontwikkelen wapensystemen kunnen wij enkel met dit vliegtuig gebruiken indien LM daaraan wil meewerken. We kunnen, zonder de broncode, gewoon niet weten welke informatie het toestel in welke omstandigheden waarheen verzendt. We kunnen zelfs niet uitsluiten dat iemand vanop afstand de controle over het toestel overneemt. Ook niet wanneer onze F-35’s met een nucleaire opdracht belast zouden zijn!

Een tweede militaire reden waarom we de F-35A niet moeten kopen is dat de F-35 maar zeer matig geschikt is voor de taken die voor onze strijdkrachten belangrijk zijn: het bewaken van ons luchtruim en luchtsteun aan grondtroepen op buitenlandse missies. Op dat gebied blijft de F-35 met afstand inferieur tegenover ALLE concurrenten waarmee hij vergeleken werd (Gripen, Rafale, Eurofighter).

Een derde reden is dat de F-35 nog niet afgewerkt is. Er zijn nog tientallen ernstige tekortkomingen die door het Accountability office van het Amerikaans Congres aangetoond werden. Aan de cruciale software wordt nog altijd druk gesleuteld. LM zelf verwacht dat de ultieme testfase slechts in 2021 afgesloten zal kunnen worden. Dat maakt dat ook niemand echt kan weten hoeveel de operationele versie in aankoop en gebruik zal kosten. Een specialist die het aankoopdossier van de F-16’s grondig kent herinnerde zich dat wij die oorspronkelijke F-16’s kochten voor 6,09 miljoen dollar (daarenboven een maximumbedrag – not to exceed) maar dat ze uiteindelijk toch meer kosten omdat de Amerikanen zeer snel modificaties oplegden die niet in die prijs zaten en die ons door de strot werden geramd, plus andere ‘foefeldinges’, zodat de uiteindelijke prijs rond de 11 miljoen US$ moet geweest zijn per stuk. De prijzen van de laatste modellen F16 bedroegen 53 MUSD.

Een vierde militair-technische reden om de F-35 niet te kopen is de gewijzigde omgeving. De voornaamste capaciteit, ‘stealth by shape’ waarom de luchtmachttop de F-35A wil kopen, moet men evalueren op basis van de snel evoluerende technologische mogelijkheden van de luchtafweer van de potentiële tegenstanders. Het zou ons te ver leiden en het zou te technisch worden, maar op basis van onze eigen kennis (en dus niet van horen zeggen) is het nu al duidelijk dat de F-35 niet op kan tegen de state-of-the-art luchtafweer en rakettechnologie (vooral de IR-gestuurde raketten).

 

Schijntransparantie

Over de transparantie één eenvoudige bedenking: het helpt niet wanneer de toehoorders geen tijd krijgen om overleg te plegen met mensen die de kennis hebben om deze informatie te evalueren. Dat het lastenboek geschreven werd op maat van de F-35 blijft, ook na de zopas gehouden commissievergadering, een groot geheim.

 

Onze conclusie is daarom dat het erg fout en onverstandig zou zijn om de uiterst bedenkelijke behandeling van dit dossier door onze politici en de legertop nu ook nog af te ronden met een overhaaste beslissing.